rugvin

(0 reacties, 16 berichten)

Deze gebruiker deelt geen profiel gegevens

Startpagina: https://www.rugvin.nl

Berichten van rugvin

Ga mee de Oosterschelde op en schrijf je in voor onze walviscursus!

0

Stichting Rugvin start in samenwerking met de Nieuwe Maen in 2020 een nieuw walviscursusseizoen. Naast de al bestaande en succesvolle tweedaagse cursussen, bieden we nu ook ééndaagse cursusdagen aan. Zowel de tweedaagse cursussen als de eendaagse worden op de klipper De Nieuwe Maen in Zierikzee gegeven. De cursusleiders zijn (internationaal) ervaren walvisonderzoekers en verbonden aan Stichting Rugvin. 

De tweedaagse cursus

Bruinvis voor de boeg van de Nieuwe Maen tijdens cursus 2019

Deze cursussen worden in de weekenden van 2/3 mei (overloopweekend), 16/17 mei en 6/7 juni 2020 georganiseerd. In deze tweedaagse cursussen zijn de volgende onderwerpen en activiteiten onderdeel van het programma:

  • de ecologie van de walvisachtigen (walvissen, dolfijnen en bruinvissen);
  • de rol van walvissen als ingenieurs van het mariene ecosysteem;
  • de rol van walvissen ten aanzien van de klimaatverandering;
  • het hoe, waar en wanneer je het beste de diverse walvisachtigen kunt waarnemen;
  • hoe de verschillende soorten te herkennen;
  • het registeren van jouw waarnemingen;
  • het fotograferen van walvisachtigen;
  • het identificeren van walvisachtigen met accent op de bruinvis;
  • Bruinvis nabij het Zeevarken

    alles wat we weten van onze eigen bruinvis;

  • een bruinvistocht met de Nieuwe Maen op de Oosterschelde én een tocht met het Zeevarken (als het weer dit toestaat);
  • overnachting op de Nieuwe Maen;
  • vier maaltijden aan boord;
  • cursusmateriaal.

Ga voor meer informatie en voor het aanmelden van de cursus op onze pagina “Weekendcursus walvisobservatie & Ecologie”

De eendaagse cursus

Uitkijken naar de eerste bruinvis

Deze cursusdagen worden op  26 april, 01 mei en 5 juni 2020 georganiseerd. In deze dagcursussen zijn de volgende onderwerpen en activiteiten onderdeel van het programma.

  • de ecologie van de walvisachtigen (walvissen, dolfijnen en bruinvissen);
  • het hoe, waar en wanneer je het beste de diverse walvisachtigen kunt waarnemen;
  • hoe de verschillende soorten te herkennen
  • het fotograferen en identificeren van walvisachtigen, met accent op de bruinvis;
  • een bruinvistocht met de Nieuwe Maen op de Oosterschelde
  • wat we weten van onze eigen bruinvis.

Ga voor meer informatie en voor het aanmelden van de cursus op onze pagina “Eendaagse Walviscursus & Ecologie”

Stichting Rugvin in 2020

0

We zijn al een eindje op weg in het jaar 2020 en daarom is het tijd om te communiceren over welke activiteiten wij dit jaar gaan uitvoeren of minimaal willen gaan uitvoeren.

Zonsondergang vanaf de Hollandica (Foto: Jip Vrooman)

Natuurlijk gaan we door met onze monitoring van walvisachtigen vanaf de Stena Line veerboten Hollandica en Britannica tussen Hoek van Holland en Harwich. Hiermee monitoren we de aanwezigheid van de bruinvissen, witsnuitdolfijnen en af en toe een welkome verrassing.

Daarnaast is er het nieuws dat we op relatief korte termijn, februari 2020 onze nieuwe website gaan lanceren. De nieuwe website krijgt een zogenaamd “responsive design” en daarmee beter toegankelijk op met name smartphones. Ook zullen er meer (grotere) foto’s te zijn bewonderen, komt er een webshop, een speciale wereldkaart om je walvisvakantie te gaan verkennen en worden alle teksten geactualiseerd. met de website zal er ook een Nieuwsbrief verschijnen voor alle contacten en geïnteresseerden in de activiteiten van Rugvin.

Op 14 maart zijn wij aanwezig op de Zeezoogdierdag in het Natuurhistorisch museum in Rotterdam, die door de werkgroep zeezoogdieren wordt georganiseerd.

Bruinvis duikt op voor de boeg van de Nieuwe Maen

Vanaf april gaan we verschillende eendaagse en tweedaagse walviscursussen geven vanaf de Nieuwe Maen in Zierikzee. Je kunt je hier nog steeds voor opgeven.  Je leert tijdens deze cursussen hoe je de 90 soorten kunt onderscheiden, de rol die walvissen spelen in het mariene ecosysteem, je leert observeren en fotograferen en bovendien gaan we op zoek naar Nederlands talrijkste walvisachtige, de bruinvis, in de Oosterschelde. Met de tweedaagse cursus overnacht je met de groep aan boord in de kajuiten.

 

Een deel van het bruinvis Foto ID-team in 2019 (Foto WJ Strietman)

Zodra het weer het toe laat gaan we met ons Zeevarken, onze boot, weer de Oosterschelde op, om voor ons Foto ID project de subpopulatie bruinvissen te fotograferen en te identificeren om daarmee meer te weten te komen over waar de dieren zich en wanneer ophouden, wat het sociale verband is en hun verdere gedrag.

En natuurlijk blijft de unieke Studio Bruinvis in 2020 ook in de lucht. Hiermee kun je vanaf het havenhoofd in Zierikzee live naar de bruinvissen luisteren die als je een beetje geluk hebt als snel voor je opduiken in de Oosterschelde.

 

 

Bruinvis nabij Studio Bruinvis

Maar er komt dit jaar nog meer aan; diverse lezingen, “een Kunstgalerij” op het water en onze jaarlijkse bruinvistelling in een nieuw jasje…..

Blijf ons volgen op deze (straks nieuwe) website, Facebook, Twitter en Instagram en LinkedIn!

Geslaagde walvispoep workshop bij IVN Nijmegen

0

Op zaterdag 18 januari organiseerde het IVN Nijmegen in het HONIG-gebouw aan de Waal haar Nieuwjaarssymposium “het nieuwe tijdperk’. 

De presentatoren van de dag

Naast de hoogleraren/filosofen René ten Bos en Martin Drenthen van de Radboud Universiteit Nijmegen werden er ook een 5-tal duurzaamheidsworkshops georganiseerd. De dag werd afgesloten door de stadsdichter van Nijmegen, Wout Waanders.

Vanuit Stichting Rugvin en Ocean in Motion nam Frank Zanderink de deelnemers in een ochtend en in een middagworkshop figuurlijk mee de oceaan op.

Wat gebeurt er als er minder walvissen zijn?

Aan de hand van een korte inleiding, maar vooral door zelf aan de slag te gaan met afbeeldingen van walvissen, walvispoep, plankton, vissen, walvisjagers, CO2 en O2 en andere mariene elementen doorgrondde men de werking van het mariene milieu en zag men de relatie tussen de walvissen als bemesters van de oceanen, de groei van plankton, krill, visbestanden en het belang van plankton in de productie van O2 en het invangen van CO2. Maar ook de andere relaties binnen het voedselweb tussen het krill, kleine vissen, grotere vissen, roofvissen en haaien kwamen zeker ook in beeld.

 

Een intense discussie over het menselijk effect op de oceanen.

Dit thema rond bemesting van plankton door walvissen en het effect op onze biodiversiteit, atmosfeer en klimaatverandering wordt momenteel steeds meer onderzocht maar kent nog maar weinig bekendheid. Stichting Rugvin en Ocean in Motion zullen zich hier steeds meer voor gaan inzetten.

Met dank aan IVN Nijmegen!

Zie ook het eerdere bericht op onze website over walvissen als ecologisch ingenieur.

 

Spitssnuitdolfijn bij Oostende aangespoeld

0

Op woensdag 15 januari jl. is een spitssnuitdolfijn aangespoeld op een strekdam bij Oostende (België). Waarschijnlijk leefde het dier nog toen het strandde op de kust. 

Autopsie aan de spitssnuitdolfijn (Bron: VRT NWS)

Inmiddels is er autopsie uitgevoerd op het dier aan de universiteit van Gent en blijkt het te gaan om een gewone spitssnuitdolfijn (Mesoplodon bidens). Het vrouwelijke dier was 2,88 m en het woog 240 kg. (Bron: VRT NWS). De doodsoorzaak is tot nu toe niet bekend. Er werden in de maag geen plastic resten of ander afval aangetroffen, maar ook geen voedselresten wat duidt op dat ze langere tijd niets gegeten had. Er waren geen symptomen van een trauma en het dier leek ogenschijnlijk gezond te zijn.

Gewone spitssnuitdolfijn in Oosterschelde (augustus 2017, foto: Christa de Boks)

Het gebeurt niet vaak dat deze soort aanspoelt op de Nederlandse of Belgische kust. Ruim twee jaar geleden zwom er een zelfde dier de Oosterschelde binnen. Kort daarop overleed het dier in de buurt van Neeltje Jans.

Gewone spitssnuitdolfijnen kunnen 5,5 meter lang worden en leven normaliter in de Atlantische oceaan. Er is niet veel over deze soort bekend, alleen dat ze zich voor een groot deel met inktvissen voeden.

Oosterschelde bruinvis ‘L039R033’ dood gevonden

0

Op zaterdag 4 januari werd een dode bruinvis bij de Bergse Diepsluis in het oosten van de Oosterschelde aangetroffen. Stichting ReddingsTeam Zeedieren (RTZ)  was ter plaatse om het kadaver op te halen en maakte foto’s. Deze foto’s zijn vergeleken met de foto-identificatiecatalogus van Stichting Rugvin, met een match als resultaat.

Unieke kenmerken zichtbaar bij bruinvis in leven (boven, © Annemieke Podt) en overleden (onder, © Ron van Aperen – Reddingsteam Zeedieren)

Dode bruinvis
Wanneer er langs de Nederlandse kust een dode bruinvis wordt aangetroffen komen organisaties zoals RTZ in actie om het dier op te halen. Als de vondstlocatie zich langs de Oosterschelde bevindt en het dier nog (redelijk) vers is worden duidelijke foto’s van het dier gemaakt. Deze foto’s worden vervolgens naar Stichting Rugvin doorgestuurd om te vergelijken met de foto-identificatiecatalogus van bruinvissen in de Oosterschelde.

Unieke kenmerken zichtbaar bij bruinvis in leven (boven, © Annemieke Podt) en overleden (onder, © Ron van Aperen – Reddingsteam Zeedieren)

Een match
Sinds 2015 doet Stichting Rugvin intensief foto-identificatieonderzoek naar de bruinvissen in de Oosterschelde. Door unieke uiterlijke kenmerken te fotograferen kunnen individuen worden herkend en over langere periode worden gevolgd. Het grootste deel van de dieren die hier langdurig verblijft is bij de stichting bekend en staat opgenomen in een catalogus. De bruinvis die op 4 januari 2020 dood werd aangetroffen bleek in de catalogus te staan. Foto’s van het dode dier konden gelinkt worden aan een bruinvis die ‘L039R033’ als identificatiecode heeft. Het is de tweede keer dat een dood gevonden bruinvis in de Oosterschelde gematcht kan worden met een individu dat eerder levend is gefotografeerd.

Bruinvis L039R033 met haar kalf (oktober 2018)

Drie waarnemingen
Bruinvis L039R033 is op drie verschillende dagen gefotografeerd door het foto-identificatieteam van Stichting Rugvin. De eerste waarneming was op 1 september 2017 bij Goese Sas. Exact een jaar later vond een korte tweede waarneming plaats ter hoogte van Ouwerkerk. De laatste waarneming waarbij L039R033 in levende lijve werd gefotografeerd was eind oktober 2018 bij Colijnsplaat. Tijdens deze waarneming zwom er een kalfje aan haar zijde, waardoor we konden vaststellen dat L039R033 een vrouwtje was. Opmerkelijk genoeg was het precies dit kalfje dat in februari 2019 dood gevonden werd en de eerste match tussen levend waargenomen en dood gevonden bruinvis was.

Onderzoek doodsoorzaak
De bruinvis is voor verder onderzoek naar de faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht gebracht, waar op maandag 6 januari sectie is verricht. Uit de eerste resultaten blijkt dat de bruinvis in principe in goede conditie was, maar niet recent had gegeten. Ze had vermoedelijk een ontsteking aan de baarmoeder en was een dode foetus, die in vergaande staat van ontbinding was, aan het aborteren. Daarnaast had ze waarschijnlijk een ontsteking aan o.a. de lever. Nader microscopisch en bacteriologisch onderzoek zal mogelijk aanvullende informatie opleveren.

Weinig bruinvissen in 2019

0

Afgelopen weekend, 28/29 december is de laatste monitoringstrip vanaf de Stena Line veerboten in 2019  geweest.

Bruinvissen Oosterschelde

Op de route van Hoek van Holland naar Harwich en terug zijn tijdens deze trip 2 bruinvissen gespot. Ook dit keer dus weinig bruinvissen/walvisachtigen. Voorgaande jaren werden er per trip gemiddeld 40 dieren of meer gezien. Nu ligt dat voor 2019 op ca 14 bruinvissen per tocht. Waar deze afname door veroorzaakt wordt is niet duidelijk.

lees ook de Blog van deze tocht.

Naast de bruinvissen zijn er in 2019 ook 5 witsnuitdolfijnen waargenomen.

In 2020 gaan we weer door met onze monitoring.

 

World Marine Mammal Conference in Barcelona afgesloten.

0

Een van de openingslezingen door Kit Kovacs

Donderdagavond, 12 december, werden de World Marine Mammal Conference dagen (9-12 december) in Barcelona voor een wetenschappelijk publiek van ruim 2.600 mensen afgesloten. De wetenschappers, onderzoekers, afgevaardigden van overheden en media kwamen uit alle continenten en uit meer dan 90 landen. Een deel van de presentaties werden in het auditorium van het Natuurhistorisch museum gegeven voor alle aanwezigen, maar het grootste deel vond plaats in 5 parallelle sessies in iets kleinere zalen van het Catalaanse Congrescentrum CCIB voor meer specialistische presentaties en discussies. Eens in de 10-15 jaar vind er een combinatie van de European Cetacean Society (ECS) en de Marine Mammal Society (MMS) plaats.

Presentatie over de rol van walvissen bij CO2 opslag door Heidi Pearson (USA)

Naast presentaties over de impact van klimaat op het leven in de oceanen en dan met name de mariene zoogdieren, was er o.m. veel aandacht voor de achteruitgang in aantal van de vaquita, lokale en kleinschalige onderzoeksinitiatieven vanuit de hele wereld, akoestisch onderzoek, monitoring, pathologie, fysiologie en natuurlijk was er veel aandacht voor de ecologie van o.m. walvisachtigen, zeeleeuwen, zeehonden, ijsberen en zeeotters.

Een belangrijk document voor de aanwezigen was het ondertekenen van de “Declaratie van Barcelona” waarin staat dat wetenschappers, beleidsmakers, media en het grote publiek meer moeten gaan samenwerken en informatie uitwisselen.

Frank Zanderink bij de poster van Studio Bruinvis

 

Naast alle orale presentaties werden er ook nog zo’n 1.000 posters gepresenteerd door de makers hiervan. Ook stichting Rugvin presenteerde hier haar poster over Studio Bruinvis/ Studio Porpoise. Belangstelling voor de studio kwam uit o.m. de Verenigde Arabische Emiraten, Zuid Afrika, Verenigde Staten, Ierland en Denemarken.

Kandidaatstelling voor ECS Council door Frank Zanderink

 

Op woensdag vond de jaarlijkse vergadering (AGM) van de ECS leden plaats. Naast de bekendmaking dat de ECS nu officieel gevestigd is in Luik (België), de vaststelling van begroting en verslagen van het afgelopen jaar vond er ook de verkiezing van nieuwe ECS Council leden voor een periode van 4 jaar plaats. Hierbij werden Ida Carlén (Zweden) en Frank Zanderink (directeur van Stichting Rugvin) op persoonlijke titel verkozen.

Studio Bruinvis op Wereldzeezoogdierendagen, Barcelona.

0

World Marine Mammal Conference

Tijdens de “World Marine Mammal Conference” in Barcelona van 9- 12 december wordt Studio Bruinvis aan 2.500 wetenschappers vanuit de hele wereld gepresenteerd.

Het is sinds lange tijd dat de Marine Mammal Society (Het mondiale verband van mariene zeezoogdieren onderzoekers) en het Europese verband, “the European Cetacean Society” (ECS), samen een conferentie organiseren. Gemiddeld gebeurt dit eens in de 10 jaar. En nu vindt dit plaats in Barcelona, Spanje.

De Studio Bruinvis poster in Barcelona

 

In Barcelona zullen zo’n 1.000 posters en ruim 600 lezingen worden gepresenteerd en gehouden met als doel de nieuwste onderzoeksresultaten en technieken op het gebied van zeezoogdierenonderzoek (walvisachtigen, zeehonden, zeeleeuwen, zeekoeien, zeeotters, walrussen en ijsberen) aan collega’s uit diezelfde wereld te delen.

Stichting Rugvin heeft een poster gemaakt over hoe Studio Bruinvis werkt, tot stand is gekomen en welke eerste resultaten er zijn gevonden. Deze poster wordt twee keer gepresenteerd tijdens deze dagen.

Studio Bruinvis werd mede mogelijk gemaakt door het WWF Nederland, Nationaal Park Oosterschelde, Natuurmonumenten, de gemeente Schouwen-Duiveland en tientallen Crowdfunders.

De walvis als marien ecologisch ingenieur en redder van het klimaat

0

Afbeelding van de “Correspondent”

De samenhang van walvispoep, klimaat en visserij

Geschreven door Frank Zanderink

Afgelopen week (27-28 november 2019) kwam er eindelijk (weer) eens aandacht voor de grote rol die walvissen en hun walvispoep in de wereld spelen. Die aandacht is prima en hoognodig, maar dan moeten we daar wel wat meer mee doen! Overigens, het nieuws van de afgelopen week zelf werd gebracht alsof het “nieuw” nieuws was. Wel, de rol die beschreven werd in de media en die walvissen spelen in de oceanen is al veel langer bekend en zelfs veel groter! En nu met de Klimaattop in Madrid des te urgenter de rol van walvissen in de klimaatbeheersing breder naar buiten te brengen. 

Om maar wat te noemen: In 2010 kwam het NOS-jeugdjournaal al met een bericht hierover. En in 2014 kwam het volgende artikel in de Britse “The Guardian”. En de rol van walvispoep behelst nog veel meer dan een grote rol in de klimaatverandering. Maar tot op heden wordt deze wereldwijd beleidsmatig en politiek niet (voldoende) onderkend.

Wat wel echt nieuws was, is dat het Internationaal Monetair Fonds (IMF) hier nu mee naar buiten kwam. Dat zou kunnen betekenen dat het ook eindelijk eens politiek opgepakt gaat worden. En dat wordt tijd en daar gaat het uiteindelijk om.
Het is van cruciaal belang dat we niet alleen de rol van walvissen in de oceanen gaan snappen en onderkennen, maar vooral ook naar de onderzoeksuitkomsten gaan handelen! En dan hoeven we echt niet nog eens 20 jaar te gaan wachten op de laatste onderzoeken, want het is nu al duidelijk dat voor de klimaatbeheersing van de wereld walvisachtigen van groot belang zijn. En dat kent geen uitstel!
Zelf ben ik al enige tijd met een literatuurstudie over dit onderwerp bezig. Vooral om goed te snappen wat er nu precies speelt, om vervolgens met een goed onderbouwd en compleet verhaal naar buiten te komen. Enfin, de huidige actualiteit noopt mij nu hierover al meer te schrijven, het is belangrijk genoeg en het is overduidelijk dat het noodzakelijk is te onderkennen wat de impact van walvissen is op het klimaat, maar ook op de mondiale zuurstofproductie en de visstand wereldwijd. De plek van de grote walvisachtigen in de ecologie van zeeën en oceanen is niet alleen van groot mondiaal belang, maar ook een zeer complexe. Niet zozeer door de natuur van de walvissen, maar vanwege het complexe systeem van de oceanen, de zeestromingen, het heersende en veranderende klimaat etc. En dan hebben we het nog niet eens over de mondiale rol die de andere zeezoogdieren (zeehonden, zeeleeuwen, dolfijnen, bruinvissen) spelen.

Een poepende blauwe vinvis (Foto: Ian Wiese)

Walvismest

Laat ik eerst vertellen hoeveel een blauwe vinvis, de grootste walvisachtige, per dag aan poep, mest, afscheid. Dat is 3.000 kg per volwassen dier!! Dit gewicht op de totale hoeveelheid water van de oceanen klinkt op zich nog niet als heel veel. Maar als je dit vermenigvuldigt met 250.000. Dit is het aantal blauwe vinvissen dat naar (voorzichtige) schatting ooit op aarde tegelijk leefde, voor de start van de commerciële walvisvangst begin 17e eeuw. Dat is 250.000 x 3.000 kg mest per dag = 750 miljoen kg. Vermenigvuldig dit dan vervolgens met het aantal dagen per jaar 365= 273.750.000.000 kg mest = 273,75 miljard kilo blauwe vinvismest per jaar.

Van de ooit op aarde levende populatie blauwe vinvissen leven er nu nog slechts enkele duizenden (2-3 %). De hoeveelheid mest is dus ook maar een fractie van wat het ooit was. Maar blauwe vinvismest is ook nog eens speciaal, die blijft namelijk drijven aan het oppervlak, daar waar het fytoplankton leeft. En dat is erg cruciaal. En dan hebben we het hier slechts over één soort walvis. Van de meeste andere soorten grote walvisachtigen zijn ook nog maar slechts fracties over. En iedere walvis heeft weer haar eigen mestsoort met typische eigenschappen voor wat betreft drijfvermogen, chemische samenstelling, locaties en periodes waar die mest wordt uitgescheiden.

De rol van de walvismeststoffen in de Oceanen (Bron: IMF)

Maar al die mest die veelal op specifiek plankton rijke plekken ter wereld wordt uitgescheiden is van cruciaal belang voor de overleving en groei van fytoplankton, het plantaardig plankton. Dit plankton is de basis van al het leven in zee. Je zou kunnen zeggen dat het fytoplankton dat bestaat uit algen en kleine wieren (groene plantjes dus!), als het ware de oerwouden van de oceanen vormen. Dan kun je op je vingers natellen wat het effect is van het zo goed als verdwijnen van die bemesting.

Stel dat de boeren wereldwijd hun graanakkers niet meer zouden bemesten; de landbouwproductie zou naar beneden kelderen!

Het fytoplankton is echter niet alleen de basis van de voedselketens in de oceanen, maar vangt ook koolstofdioxide (CO2) uit de lucht en geeft zuurstof (O2) weer af. Dit is wat planten doen. Het fytoplankton in de oceanen produceert het merendeel van de zuurstof (>50 %) dat wij als mensen en dieren verbruiken. En bij elkaar is dat veel meer dan alle bossen op de wereld.

De CO2 winst, t.a.v. klimaatverandering/beheersing zit niet alleen in de opslag van CO2 in de walvissen zelf (ca 33 ton CO2 per dode walvis), maar ook het fytoplankton sterft en zinkt af naar de bodem en legt daarbij koolstof (C) vast. Het fytoplankton legt jaarlijks 40% van al de vrijgekomen CO2 op aarde weer vast! Dat is 4x de hoeveelheid die het Amazone-oerwoud vastlegt.

Fytoplankton (foto: www.fytoplankton.cz)

Het fytoplankton komt veelal samen met het zoöplankton (zoals kleine kreeftjes, garnaaltjes, vislarven en kwalletjes) voor in de oppervlaktelagen van de oceanen. Dit zoöplankton, krill, leeft van het fytoplankton en vormen samen de basis van al het leven in de oceanen. Dit plankton wordt weer gegeten door de baleinwalvissen en kleine vissen. Deze laatste worden weer gegeten door grotere vissen en ook weer door walvisachtigen. Plankton en kleine visjes vormen dus het voedsel van de grotere walvisachtigen. Deze laatste produceren weer veel mest dat noodzakelijk is voor de groei van het plankton en voor de mondiale visstand.

Zoöplankton (Foto: Peijnenburg en Goetze)

Wereldwijd erkennen wetenschappers het multiplier effect van walvissen op de groei van plankton. Deze mest verschilt per locatie in de chemische samenstelling (Fe, N, P) en de aanwezige hoeveelheid van deze stoffen in de mest limiteren eigenlijk de groei van het fytoplankton. Daarnaast zijn er walvisachtigen, bijvoorbeeld potvissen, die naar de diepere delen van de oceanen duiken en daarmee ook voor een verticale vermenging van voedingsstoffen zorgen. Tevens zorgen de migraties van de walvissen dat ook de mest door hen zelf ook over de oceanen beter verdeeld wordt.

 

 

 

 

 

Kortom walvissen zijn essentieel voor klimaatbeheersing, maar ook voor de visstand in de oceanen en zijn eigenlijk de bondgenoten van alle vissers, van ons allen dus. Zij zijn de bemesters van de oceaan!

Zuidkapers voor de kust van Zuid-Afrika (Foto F. Zanderink)

Wereldwijd hebben we niet alleen de oceanen ontdaan van de meeste walvissen, maar we hebben de oceanen en zeeën verder ook sterk overbevist. Dit is niet alleen ten aanzien van de vissen, maar ook krill en plantaardig plankton wordt op grote schaal geoogst en aan land gebracht. Kortom er wordt mondiaal roofbouw gepleegd op de oceanen met haar walvissen en plankton, terwijl die onze redding zouden kunnen zijn. Aan de hand van satellietfoto’s is te zien dat in de laatste decennia de oceanen blauwer worden in plaats van groen. Als oceanen groen zijn, zijn ze fytoplankton rijk (bladgroen in de algen en wieren) en als ze blauw zijn helder en arm aan plankton.

Dit is bij lange na niet het complete verhaal. En daarvoor is nog veel meer onderzoek en analyse nodig. Wat is bijvoorbeeld het effect van walvispoep in de Noordelijk IJszee op de haring in onze eigen Noordzee?
Maar dat we dit nog niet weten, moet ons niet beletten vandaag al te starten met handelen. Wat zouden we minimaal moeten doen? In ieder geval direct stoppen met alle walvisjacht, groot en klein. Maar ook voorkomen dat walvissen door schepen worden aangevaren en gedood of verstikt raken in netten of touwen. En laten we daar snel mee beginnen, want walvissen planten zich langzaam voort. Sommige soorten zijn na de invoering van het walvismoratorium niet of nauwelijks in aantal toegenomen. En walvissen beschermen is veel goedkoper dan bijvoorbeeld CO2 opslag in de bodem.

Maar laten we ook stoppen met de oogst van krill (onder meer ten behoeve van de kippenindustrie wereldwijd). Want als je de basis van het leven in de oceanen al weg gaat vangen dan wordt het helemaal dweilen met de kraan open. Op een gezond gemengd boerenbedrijf heb je de koeien die de akkers van mest voorzien en van essentieel voedingstoffen voorzien. Walvissen doen niet veel anders. Zo simpel is het eigenlijk. En dan leveren ze ook nog een belangrijke bijdrage aan terugdringen van de opwarming van de aarde.

NB. Veel van de hier beschreven informatie komt uit het onlangs verschenen IMF rapport en eerder verschenen publicaties van Dr. Joe Roman et al (University of Vermont USA).

Studenten gezocht voor bruinvisonderzoek Oosterschelde.

0

Stichting Rugvin is op zoek naar meerdere studenten voor haar bruinvisonderzoeken op de Oosterschelde. Het gaat hierbij om het akoestisch onderzoek met Studio Bruinvis en het bruinvis Foto-ID onderzoek.

Bruinvis zwemmend in de buurt van de boei van Studio Bruinvis.

Bij het eerste onderzoek wordt de door Studio Bruinvis opgevangen en opgeslagen geluidsdata van de in de Oosterschelde aanwezige bruinvissen geanalyseerd en gebruikt bij het beantwoorden van diverse onderzoeksvragen: is de aanwezigheid van bruinvissen getijde en/of tijdstip gerelateerd en is er een relatie met aanwezige verstoringen? Hier is natuurlijk ook ruimte voor vragen die vanuit de student of opleiding zelf komen. Dit onderzoek is een continue onderzoek en analytisch van aard en je kunt als student hier vrijwel direct mee aan de slag.

Een vergelijkingsfoto van 2018 (boven) en 2019 (onder) van deze bruinvis.

Het tweede onderzoek richt zich op het fotograferen en identificeren van bruinvissen door middel van foto-identificatie. Hiermee wordt gewerkt aan het in kaart brengen van de subpopulatie bruinvissen in de Oosterschelde in een database en gekeken naar het aantal bruinvissen, de sociale structuren, het gebruik van de Oosterschelde en andere onderzoeksvragen. Dit onderzoek wordt vanaf 2007 uitgevoerd en is in 2015 geïntensiveerd. Het foto ID onderzoek wordt in april 2020, als de weersomstandigheden weer beter worden, opgepakt.

Voor beide onderzoeken vragen we studenten met minimaal een HBO opleiding en affiniteit/ervaring met het mariene leven. Voor het foto ID onderzoek komt daar ervaring met fotografie bij en moet je zeer flexibel in je tijd zijn. We varen alleen bij zeer rustig weer, (Bft max 2), waardoor tochten meestal pas een dag van te voren definitief gepland kunnen worden. In het bezit zijn van een eigen camera en/of klein vaarbewijs I en II is een pre. 

Zie ook het volgende filmpje:

Een impressie van een succesvolle foto-identificatietocht in 2018.

Meer informatie is op te vragen via rugvinfoundation@gmail.com of door het invullen van het contactformulier.

rugvin's RSS Feed
Naar boven