In de Noordzee

Wat is de Noordzee?

De Noordzee is een grenszee behorende tot de Atlantische oceaan. Deze zee is ca 575.000 km² groot en gemiddeld 94 m diep. Het zuidelijke deel is zelfs minder dan 50 m diep gemiddeld.

Er grenzen diverse landen aan, Frankrijk, België, Nederland, Duitsland, Denemarken, Noorwegen en het Verenigd Koninkrijk (inclusief de Shetland eilanden). De Nederlandse Noordzee maakt dus deel uit van de totale Noordzee en ligt in het zuidelijke deel.

De Noordzee als ecosysteem

De Noordzee kent een aantal uiteenlopende biotopen. Er zijn diverse kustsoorten, er zijn overgangsgebieden in kwelders en wadden waar het getijden grote invloed heeft op het leven. In de Noordzee ligt het grootste en soortenrijkste waddengebied ter wereld. Daarnaast vormen riviermondingen, estuaria, waar zoet en zout water mengen een eigen biotoop. Verder zijn er biotopen te onderscheiden in het water van de volle zee (pelagisch leven) en op de zeebodem (benthisch levensvormen). 

De walvisssoorten van de Noordzee 

De soorten walvisachtigen die je in de Noordzee kunt aantreffen verschillen per regio (de kuststreek, midden op zee, de Nederlandse Noordzee, de Noordelijke Noordzee) per seizoen (voorjaar, zomer, trekseizoen) en ook per jaar. Het is nooit hetzelfde, en onverwachte dwaalgasten zijn er jaarlijks. Maar om je toch een idee te geven, verwijzen we je graag door naar onze galerij op de homepage en onze pagina’s over de verschillende walvissoorten onder Zelf walvissen zien en Nederlandse Walvissoorten

Rugvin op de Noordzee 

In 2004 bleek uit een enquête onder de kapiteins en stuurmannen van de veerboten Hollandica en de Britannica (Stena Line) dat er vanaf de brug erg vaak bruinvissen en dolfijnen werden waargenomen. Eind 2004 werd daarom besloten om een pilot te starten aan boord van deze twee schepen van de Stena Line, die dagelijks tussen Hoek van Holland en Harwich (GB) varen. Vanaf januari 2005 startte Rugvin, toen nog als project Rugvin, met het monitoren van walvisachtigen vanaf de brug van beide veerboten.

In die periode werd twee keer per maand (dus twee maal van Hoek van Holland en weer terug) geobserveerd. Doel van deze monitoring was het verzamelen van data over de aanwezigheid van walvisachtigen in dit stuk van de Noordzee (zie kaart met scheepsroute), de seizoensfluctuaties per soort en de locaties waar de dieren werden aangetroffen.

Monitoren en observeren op de Noordzee

Na een succesvol eerste jaar werden de monitoringstrips voortgezet door de twee vaste waarnemers (Nynke Osinga en Frank Zanderink). Naast één van de vaste waarnemers ging er sindsdien maandelijks een andere vrijwilliger mee om te zoeken naar walvisachtigen aan het zeeoppervlak en te assisteren met het registreren van de gegevens. Later is het team van vaste eerste observers uitgebreid, en sindsdien zijn naast Nynke en Frank ook Wouter Jan, Ernst, Daniël en Cora regelmatig op de schepen aanwezig. Zij worden begeleid vanuit een pool met vaste tweede observers. 

Hoe gaat het observeren in zijn werk? 

Eén waarnemer scant bakboord (270° tot 0°, het voorste punt van de boeg van het schip) en één waarnemer stuurboord (0° tot 90°). Het water wordt zowel met het blote oog als met een verrekijker gescand. Alle waarnemingen worden op de desbetreffende formulieren geregistreerd. Ook worden elke dertig minuten de conditie van de zee, de koers en de snelheid van het schip en de weersomstandigheden geregistreerd.

De totale vaart, vanaf de monding van de Nieuwe Waterweg tot aan de monding van de Stour beslaat ongeveer zes uur. De tocht heen wordt afgelegd aan boord van de Hollandica en de terugvaart is aan boord van de Britannica. Jaarlijks wordt ongeveer 120 uur gemonitord.

U doneert aan: Stichting Rugvin

Hoeveel zou u willen bijdragen?
€10 €20 €30
Wilt u een regelmatige donatie doen? Ik wil graag bijdragen
Hoe vaak wilt u deze donatie herhalen? (inclusief deze betaling)
Naam*
Achternaam*
Email *
Telefoon
Adres
Eventuele opmerkingen
paypalstripe
Loading...