02
jun
2018

Noordzee monitoring “de mist in”

Afgelopen weekend, 2 -3 juni 2018 vond de maandelijkse tweedaagse monitoring vanaf de Stena Line veerboten tussen Hoek van Holland en Harwich weer plaats. Gezien de grote aantallen bruinvissen van voorgaande maanden waren de verwachtingen redelijk hoog gespannen

Op zaterdag was het weer rustig Bft 2 en af ten toe Bft 3. Het zicht was goed, maar het was erg rustig op zee. Nauwelijks zeevogels, een paar jan-van-genten en een enkele mantelmeeuw. Bruinvissen werden er niet gezien. Er was slechts één waarneming van of twee dolfijnen, of twee bruinvissen, de waarneming was te kort om dit vast te stellen. Daarna nog een grijze zeehond.

Op zondag waren we getuige van wel een heel slechte dag, zodra de Stena Britannica de Stour uit was gevaren de Noordzee op, doken we een dikke brei van mist in waar het schip pas in de Nieuwe waterweg uit kwam. Het zicht varieerde van 100- 300m . Er werden verder geen walvisachtigen waargenomen.

Hieronder de blog van deze trip:

2 en 3 Juni 2018

Afgelopen weekend was het weer tijd voor een Stena Line survey. Weerberichten van een vrijwel gladde zee (Bft 2-3) met af en toe wat zon voorspelde veel goeds. Ondanks een gemiste trein en wat vertragingen, was ik gelukkig toch nog op tijd om samen met Frank door de douane te gaan en aan boord te stappen van de Hollandica.

Camera en formulieren klaar voor de start!

Na een goede lunch en een voorstelrondje op de brug stonden we al snel klaar vol goede hoop op de bak- en stuurboordzijde met verrekijker en formulieren in de aanslag. Het was volledig bewolkt, maar dat kon de pret niet drukken want het water was zoals voorspelt mooi rustig (Bft 3). Eenmaal voorbij de ‘paddenstoel’ op de kade kon de survey beginnen. De eerste paar uren zagen we niet meer dan een aantal kleine mantelmeeuwen en een paar jan-van-genten, maar toen zag ik in de hoek van mijn oog iets wegduiken vlakbij de boot – bruinvis? Terwijl ik gefocust bleef op de plek waar ik beweging zag, zie ik ernaast een rugvin en een deel van de peduncle wegduiken – SIGHTING! Frank kwam eraan lopen, maar het was jammer genoeg al te laat. Beide kwamen niet meer naar boven en ik had maar een glimp van de beestjes kunnen opvangen. Na een debriefing met Frank waren we het erover uit dat in combinatie met het gedrag, het hoogstwaarschijnlijk bruinvissen waren. Maar gezien de slechte hoek waarop ik ze had gezien, kon ik het niet met zekerheid zeggen en zijn ze als ‘unidentified cetacean’ op het formulier gegaan. Ondanks de korte duur van de encounter, voelde we ons alle twee weer bemoedigd – op naar de volgende encounter! Maarja… zoals je waarschijnlijk al weet, die kwam jammer genoeg niet meer.

 

Terug in Hoek van Holland

In de middag heb ik in de verte nog een grijze zeehond gezien, maar voor de rest konden we het encounter formulier laten liggen en was de survey zeer rustig. Het weer werd beter naarmate we dichterbij Harwich kwamen: het water werd nog vlakker met alleen een lichte rimpel die de aanwezigheid van een beetje wind verraadde  (Bft 2) en de wolken trokken meer en meer weg. Toen we het eerste streepje Engeland op de horizon zagen liggen zaten we zelfs allebei in de zon, wanhopig te zoeken naar leven – want ondertussen waren we ook niet veel vogels tegengekomen. Jammer genoeg bleef het deze dag bij die ene encounter. Dus toen we de survey officieel konden stoppen, pakten we allebei (een beetje verslagen) onze spullen in, bedankte de crew op de brug en liepen we richting de voetgangersuitgang van het schip. Ondanks dat het schip volledig volgeboekt was, konden we spoedig doorlopen en waren we al snel door de  douane heen om onze eerste stappen in Engeland te zetten. Eenmaal aangekomen bij de Captain Fryatt lodge, waren Frank en ik het al snel eens dat er geproost moest worden op de, ietwat rustige, maar in de spirit van ‘geen data is ook data’, toch succesvolle survey en vooral op meer encounters voor de volgende dag;)

Uitzicht vanaf de brug met de haven van Harwich al zichtbaar op de horizon

De volgende ochtend waren we allebei vastberaden om positief de dag in te gaan. Maar onderweg naar de Brittanica konden we niet ontkennen dat het erg mistig was. ‘ah… dat trekt wel weg op zee – geen probleem; vandaag wordt de dag’, kon je ons  allebei hardop horen denken. Eenmaal op brug, was het duidelijk dat ondanks de slechte zichtbaarheid door de mist, het water bijna perfect vlak was met nauwelijks een golfje in zicht (Bft 1.5/2). Tijdens het ontbijt waren we er allebei dan ook van overtuigd dat het de perfecte omstandigheden zouden zijn als we eenmaal op zee zouden zitten uit de mist. Na het eerste uur, was het nog steeds even mistig als in het begin. Maar na een paar uur werd het steeds afwisselender, omdat de zogenaamde ‘mist-muur’ heel snel een paar 100 meter verder weg kon trekken (jeeej!) maar dan ook weer iedere keer weer heel snel terug kwam. Dus als we eindelijk ver genoeg konden zien om een verrekijker te kunnen gebruiken (700-800 meter), kon het binnen enkele seconden al weer zo slecht zijn dat je nauwelijks voorbij de boeg van het schip kon kijken…

De zogenaamde ‘mist-muur’

We werden op een gegeven moment ‘wakker’ geschut toen de misthoorn van het schip meerdere keren werd gebruikt om een kleine speedboot op de radar te alarmeren van onze aanwezigheid. De crew vroeg ons ook om ook op te letten of we een kleine boot tegen kwamen. Na een paar minuten zagen we in ongeloof de kleine speedboot vlak voor de Britannica oversteken op geen 300 meter afstand! Dit zorgde voor nogal wat ophef, maar na een tijdje was het weer uitkijken over dezelfde ‘mist-muur’ in de hoop dat we iets in het water zouden zien. De kapitein vertelde ons dat het na de lunch beter zou moeten worden, maar dat bleek uiteindelijk meer gebaseerd op hoop dan feiten. Na de lunch was de volhardende ‘mist-muur’ nog steeds niet gevallen en bleven we uitkijken over slechts een paar 100 meter zichtbare zee – die overigens nog steeds heel kalm was (Bft 2). Uren gingen voorbij en het zicht bleef zo slecht, dat Frank en ik allebei niet doorhadden toen we al aangekomen waren in de Hoek van Holland – we vroegen op een gegeven moment aan de crew wanneer we ongeveer zouden aankomen, toen bleek dat we 5 minuten geleden al de nieuwe waterweg opgevaren waren. De mist was zo dicht dat we letterlijk de paddenstoel niet hebben kunnen zien. Maar eenmaal aangekomen in de Stena haven werden we gegroet door een blauwe lucht en stralende zon. Samenvattend was deze tweede survey dag ook weer erg rustig qua vogels en hebben we voornamelijk veel sepia schelpen zien drijven. Het encounter formulier bleef jammer genoeg deze trip leeg.
Zonnige aankomst in de Stena haven

Algeheel hebben we dus maar 2 ongeïdentificeerde cetaceans, een grijze zeehond, een handjevol zeevogels en een verdwaalde duif gezien. Dat is alles behalve veel, maar aan de effort en de sfeer op het schip heeft het zeker niet gelegen 😉 Toen we van het schip af stapte vroeg Frank aan mij of ik nog wel een keertje mee wilde aangezien het nogal karig was geweest – maar ik reageerde al snel met een overtuigende JA- ik denk dat aan het einde van de dag de lol van zo’n survey toch is dat het onvoorspelbaar is, je weet nooit wat je gaat zien of hoeveel, maar dat maakt het een avontuur en tenzij we de volgende keer helemaal niks tegenkomen, kan het toch alleen maar beter worden 🙂

Naomi Tuhuteru

 

U doneert aan: Stichting Rugvin

Hoeveel zou u willen bijdragen?
€10 €20 €30
Wilt u een regelmatige donatie doen? Ik wil graag bijdragen
Hoe vaak wilt u deze donatie herhalen? (inclusief deze betaling)
Naam*
Achternaam*
Email *
Telefoon
Adres
Eventuele opmerkingen
paypalstripe
Loading...