Langs de Nederlandse kust worden elk jaar een paar honderd dode bruinvissen gevonden. De dieren worden opgehaald voor nader onderzoek naar de doodsoorzaak of afgevoerd voor destructie. Maar voor vers gestrande dieren die in de Oosterschelde worden gevonden is nog iets van belang: het maken van identificatiefoto’s. Nu is een recent gestrande dode bruinvis terug herkend aan de hand van foto’s.

Foto-identificatie
Stichting Rugvin doet sinds 2015 intensief foto-identificatieonderzoek naar de bruinvissen die in de Oosterschelde leven. Door unieke kenmerken te fotograferen kunnen individuen worden herkend en over langere periode worden gevolgd. Onlangs publiceerde de Stichting de eerste openbare foto-identificatiecatalogus van de bruinvissen uit de Oosterschelde. Hierin staan bijna 60 verschillende (sub)adulte bruinvissen die tussen 2015 en 2018 duidelijk gefotografeerd zijn.

Foto-identificatie kan niet alleen bij levende, maar ook bij dode dieren toegepast worden mits ze in verse staat zijn. Op donderdag 14 februari 2019 kreeg Jaap van der Hiele van het Reddingsteam Zeedieren (RTZ) een melding van een dood gevonden bruinvis. Het dier lag langs de dijk bij de Weversinlaag in de Oosterschelde. Het betrof een vrouwelijke, onvolwassen bruinvis van zo’n 98 cm die nog niet lang dood was. Jaap van der Hiele maakte foto’s van de bruinvis en deelde deze foto’s met Stichting Rugvin.

Unieke kenmerken zichtbaar bij bruinvis in leven (boven, © Annemieke Podt) en overleden (onder, © Jaap van der Hiele – Reddingsteam Zeedieren)

Een match
Annemieke Podt, onderzoeker bij Stichting Rugvin, herkende de dood gevonden bruinvis op de foto’s van Jaap van der Hiele. De jonge bruinvis, naar verwachting geboren in de zomer van 2018, werd op 20 oktober 2018 tijdens een foto-identificatietocht op de Oosterschelde gefotografeerd. De bruinvis zwom in nabijheid van haar moeder, die als L039R033 in de openbare catalogus staat. Omdat de dood gevonden bruinvis een kalfje is, staat deze bruinvis niet in deze openbare catalogus. Kalfjes staan echter wel in de interne catalogus van de Stichting.

In oktober 2018 werden moeder en kalf waargenomen ten westen van Colijnsplaat

Tijdens de waarneming op 20 oktober konden moeder en kalf langere tijd gevolgd worden, waarbij ze enkele keren de boot dichtbij benaderden en er duidelijke foto’s gemaakt konden worden. Op deze foto’s waren enkele littekens zichtbaar. Aan de hand van deze kenmerken kon een match vastgesteld worden. Het is de eerste keer dat zo’n match tussen een levend waargenomen bruinvis en een later dood aangespoelde bruinvis is gemaakt.

 

Onderzoek doodsoorzaak
De dode bruinvis is voor onderzoek naar de Faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht gebracht. Daar heeft onderzoeker Lonneke IJsseldijk op maandag 17 februari een sectie uitgevoerd. Aan de buitenkant was al te zien dat er een vergroeiing van de wervelkolom was, want de rug tussen de staartvin en rugvin toonde een lichte S-vorm. Op de huid zaten meerdere littekens. Beide observaties zijn een sterke aanwijzing voor een oud trauma. Ook werd er een huidontsteking aan de rechterkant van de kop gevonden.

De bruinvis op de sectietafel bij de afdeling Pathobiologie van de Faculteit Diergeneeskunde (© Faculteit Diergeneeskunde, Universiteit Utrecht)

Bij verdere inspectie werd duidelijk dat er grote ontstekingen onder de littekens aanwezig waren. In het weefsel aan de rechterkant van de kop zat een groot abces en onder de littekens op het staartstuk, waar de rug de S-vorm had, werd een oude breuk gevonden. Twee wervels waren gebroken en weer aan elkaar vergroeid. Ook hier zat een zeer ernstige ontsteking in het bot. Helaas voor het dier bleef het niet daarbij: beide longen toonde ook veel abcessen en ook in meerdere lymfeknopen waren ontstekingen terug te vinden. Wel had het dier een dikke speklaag en was vermoedelijk nog recent onder moeders hoede, want in de maag zaten nog melkresten.

Grijze zeehond
De littekens aan de buitenkant komen overeen met wonden die grijze zeehonden veroorzaken wanneer zij bruinvissen aanvallen. Deze bruinvis is na zo’n aanval ontsnapt. Dergelijke wonden kunnen dan dienen als entree punt voor tal van bacteriën, die als ze de bloedsomloop in komen op verschillende locaties in het lichaam problemen kunnen veroorzaken. Microscopisch onderzoek en ook bacteriologie moeten dit nog bevestigen, maar op basis van de sectie lijkt het om een bruinvis te gaan die is gestorven als gevolg van een eerdere en mislukte predatiepoging van een zeehond. Het is niet ongewoon dat bruinvissen in de Oosterschelde worden aangevallen door grijze zeehonden. In het wetenschappelijke tijdschrift Lutra is hier vorig jaar een artikel over verschenen.

Samenwerking
Door middel van foto-identificatie kan veel over de bruinvissen in de Oosterschelde geleerd worden. Naast het onderzoek naar de levende bruinvissen, is ook onderzoek naar dood gevonden dieren waardevol. Om deze onderzoeken te combineren wordt relevante informatie over de bruinvissen van de Oosterschelde uitgewisseld tussen verschillende partijen, zoals in dit geval tussen Stichting Rugvin, RTZ en Universiteit Utrecht. Het is goed mogelijk dat in de toekomst vaker matches tussen levende en dode bruinvissen worden gevonden.