Blog 2019

Elke maand gaan er twee waarnemers aan boord van de veerboten van Stena Line van Hoek van Holland naar Harwich en terug om walvisachtigen te tellen. Meer informatie over dit onderzoek lees je hier. Nieuwsgierig naar alle belevenissen van waarnemers van Rugvin? Klik dan op ook op één van de  (andere) jaartallen in het menu.

 

19 – 20 oktobereen tocht met vele primeurs en weinig bruinvissen

Een primeur, voor het eerst met Hoekse lijn naar Stena Line .

Dit weekend was mijn eerste bruinvistelling met de Stena Line van Hoek van Holland naar Harwich. Gelukkig had ik Frank aan mijn zijde als doorgewinterde observeerder. Ons avontuur begon echter al ruim voordat we aan boord gingen. In de trein vertelde Frank vol verwachting en enige scepsis dat wij als eerste Rugvinners ‘de Hoekse lijn’ zouden gebruiken. Deze beruchte metrolijn bleek nu na jaren van uitstel eindelijk operatief te zijn en dat betekende voortaan geen busritten meer om bij de Stena Line te komen. De lijn was zo nieuw dat de vaste borden nog niet aangepast waren. Ik was me totaal niet bewust van deze ontwikkelingen en keek dus ook niet echt op toen de metro zo als gepland aan kwam rijden. Aan Franks reactie merkte ik echter dat dit toch een bijzondere gebeurtenis was. Hij maakte snel een kiekje van de metro om deze vervolgens in de Rugvin Whatsapp groep te posten dat “het dan echt zo ver was”. De reis verliep vervolgens comfortabel en soepel. We werden zo goed als in de terminal van de Stena Line afgezet. Ideaal.

De ondergaande zon boven Engeland (Foto F. Zanderink)

Eenmaal aan boord was ik onder de indruk van de reusachtige schaal van de veerboot “Britannica”. De boot zelf is ruim 240 meter lang (bijna 2,5 voetbalvelden!) en de brug vanwaar we de telling verrichten was dan ook enorm. Vanaf zo’n 32 meter hoogte had je ideaal zicht over zee. Bovendien was het erg comfortabel achter glas. De ruimte was van alle gemakken voorzien, zoals een toilet, koffie en thee. Eerder zeezoogdierentellingen deed ik altijd in de open lucht of achter een klein windscherm. Wat een luxe! Daarbij is het altijd bijzonder om rond te lopen tussen de apparatuur van de kapitein en stuurmannen. Ik kon niet wachten om te beginnen.

Zojuist de eerste 3 bruinvissen gespot

We lieten de haven van Hoek van Holland achter ons. Frank gaf mij nog de laatste uitleg over het invullen van het formulieren en toen ik uit mijn ooghoek spetters zag. “Frank volgens mij zie ik daar wat!”. Vlug keken we naar rechts, en ja hoor drie bruinvissen schoten door het water weg van de ferry. We waren nog geen 15 minuten onderweg. Nou, dat was een hoopgevend begin! Little did I know…

Op zaterdag waren de weersomstandigheden niet slecht, maar ook niet super goed. Er stond behoorlijk wat wind, maar gedurende de dag nam deze wat af en kwam de zon steeds vaker tevoorschijn. Toen we na zo’n vijf uur varen geen enkele bruinvis meer gezien hadden leek het wel mogelijk om even wat foto’s te nemen van de prachtige nieuwe T-shirts gesponsord door het zeilschip ‘Nieuwe Maen’. Deze shirts passen helemaal bij de recente professionalisering van stichting Rugvin. Ik word helemaal blij van het design en de kleur.

Langzaam begon de zon te zakken en was de kust van Engeland duidelijk in zicht. De telling van zaterdag had ons drie bruinvissen opgeleverd. Voor zondag was er beter weer voorspeld met weinig wind, dus na een drankje gingen we vol goede moed ons bed in bij “the Fryatt”.

Bij een windpark op zee was het rustig, qua wind maar ook qua bruinvissen (Foto F. Zanderink)

De volgende dag aan boord van de “Hollandica” begon weer goed. Dit keer telden we binnen een half uur drie zeehonden. Bovendien waren er nauwelijks golven. Elk bemanningslid dat ons zag benoemde dat het “perfect weer was om bruinvissen te spotten”. En dat was ook zo. Maar ja, dan moeten er wel bruinvissen zijn. Na uren turen over de golven en geen bruinvissen kwamen de eerste gebouwen van de Maasvlakte inzicht. “En een goede score?” vroeg de kapitein toen hij op de brug de aankomst bij Hoek van Holland gereed kwam maken. “Nul” antwoordde Frank. “Hoe kan dat nou?!” stelde de kapitein. Tja, dat is een hele goede vraag. Waar zijn de bruinvissen? Frank vertelde dat de score van aantal bruinvissen dit jaar aanzienlijk lager is dan voorgaande jaren. Hadden de observeerders van Stichting Rugvin vorig jaar tot en met oktober ruim 500 individuen geteld, dit jaar waren het er ongeveer 100. Onderweg zagen we een windmolenpark aangelegd worden. Zou onderwatergeluid er iets mee te maken hebben? Voorlopig kan over de oorzaak alleen gespeculeerd worden.

Nathalie met het nieuwe T-shirt aan boord van Britannica (Foto F. Zanderink)

Zoals de slagzin op de T-shirts leest kan je je afvragen: “what’s the porpoise?” van overtochten met weinig of geen bruinvissen. Nou, het is juist heel erg belangrijk om dit soort patronen zichtbaar worden. Daarmee kunnen andere tellingen in perspectief geplaatst worden, onderzoek gestart worden naar verklaringen voor een verschil in bruinvistellingen en uiteindelijk beleid zo nodig aangepast worden. Zo zie je maar hoe belangrijk het werk van stichting Rugvin is, ook wanneer er geen bruinvis te bekennen valt. En ach, we mogen dan slechts drie bruinvissen en drie zeehonden gezien hebben, maar ik had wel mooi mijn vogels kunnen oefenen (vooral de meeuwen zijn een leuke uitdaging) en kunnen genieten van de prachtige kleuren van de Noordzee. Wat mij betreft was het een geslaagde tocht. Graag tot de volgende.

Nathalie.

 

 

 

 

21 -22 september, Door het oog van de naald

Dat het weer alle tellingen domineert, mag geen verrassing meer heten. Des te fijner was het dat de voorspellingen voor het vorige weekeinde bijna perfect waren. Helaas was het een onverwachtse factor die bepaalde dat de Stena telling moest worden uitgesteld: er was namelijk geen middagafvaart vanuit Hoek van Holland! Dit weekeind moest het dan gebeuren met middelmatige weersomstandigheden.

Het is nog steeds erg wennen om op de Stena Britannica naar Engeland te varen en niet op de Hollandica. Stena Line heeft vanwege onderhoudswerkzaamheden de veerboten tijdelijk omgedraaid. Tot en met de zomer van 2020 zal dit dus nog stand houden. De windsnelheid is met 4 Bft. aan de harde kant om waarnemingen uit te voeren. Gelukkig komt de wind uit het Oosten en varen we met de golfrichting mee. Dit zal in ieder geval helpen met het waarnemen. Vandaag en morgen observeer ik met Samantha die wel bekend is met de Stena Line surveys.

Meteen na vertrek is duidelijk dat er een hoop leven in dit gebied te vinden is. Sterke getijdenstromingen zorgen voor een hoop activiteit en vogelleven. We kunnen ons alleen maar voorstellen wat er onder het water gebeurt. Nog voordat we officieel zijn begonnen zien we twee bruinvissen aan de strandkant van de strekdam bij Hoek van Holland.

Een grote jager valt de foeragerende meeuwen in de getijdennaad lastig. Deze grote, donkere ‘piraat’ van de Noordzee is één van mijn favoriete zeevogels. Ze zijn momenteel bezig met de trek naar het zuiden. Veel tijd om te kijken krijg ik niet, omdat er weer een tweetal bruinvissen passeren. Hoewel we tegen het licht in kijken zijn de dieren vanwege hun actieve gedrag aan het oppervlakte goed waar te nemen. Een uurtje later zie ik een bekend object aan ons voorbij komen: de Ark van Noach. Deze replica duikt zo nu en dan op in mijn leven. Ditmaal dus op zee. Ik moet toegeven dat hij er nietig uitziet vanuit ons observatiepunt.

De ark in zijn natuurlijke elemen

Plots schiet er iets met hoge snelheid door het water recht voor onze boeg. Even is er wat opwinding, omdat het dier met zo veel snelheid door het water vliegt dat het bijna geen bruinvis kan zijn. Na een paar momenten van opwinding blijkt dit wel zo te zijn. Een drietal bruinvissen zet het op een zwemmen om voor ons weg te komen. Na deze waarneming blijft het stil. Erg stil. De laatste drie uur lijkt de zee wel dood. De enig tekenen van leven die ik zie zijn drie noordse stormvogels, één jan-van-gent en een kleine jager. Net wanneer we de Stour rivier invaren zie ik een meeuw in de schemer ergens aan pikken. Een dode bruinvis drijft aan ons voorbij. Nog steeds geen teken van leven, maar wel een waarneming.

De één zijn dood…

Wanneer we aan het afmeren zijn, krijgen we het bericht dat er vanochtend ten hoogte van Hoek van Holland een grote groep tuimelaars is gezien. Dit alles een paar uur voordat wij daar waren. Zulke groepen tuimelaars ongeveer één keer per jaar langs de kust gezien en zijn liften vaak mee met vissersschepen. Deze dieren zijn waarschijnlijk onderweg. Een kleine kans dus dat we ze morgen op de terugweg zullen zien, maar wie weet.

Het weer ziet er deze zondagochtend boven verwachting goed uit. Samantha en ik besluiten een ochtendwandeling te maken in Harwich. Hier stijgt de rode zon bijna op uit de zee wanneer we iets zien liggen: een dode bruinvis. Mijn foto’s bevestigen dat het om dezelfde gaat die we gisteren in het water hebben zien drijven.

Dood en dan nog gestrand.

Eenmaal aan boord is het weer prima. Helaas bevestigen de waarnemingen van het eerste deel van de trip vandaag de leegte van gisteren. De eerste drie uur zien we niets. Er is gelukkig wel wat meer vogelleven dan gisteren. Zware en grote zee-eenden worden gezien aan de Britse kant. Hierna volgen een paar gebieden met redelijk wat jan van genten en noordse stormvogels. Wanneer ik er één volg, valt mijn oog op een klein, slank donker vogeltje, wat net over de golven scheert. Een stormvogeltje! Dit is de tweede die ik ooit zie in dit deel van de Noordzee. Het blijkt nog een vaal stormvogeltje te zijn: mijn eerste in Nederland. Ook zijn de grote jagers weer van de partij.

Twee jan van genten in hun 4e levensjaar (te zien aan de laatste ‘losse’ zwarte veren in de vleugels)

Wanneer de het middelpunt van de overtocht passeren, valt de wind bijna volledig stil. De omstandigheden om bruinvissen waar te nemen zijn nu erg goed. Jammerlijk genoeg zijn er geen bruinvissen om waar te nemen. Ik had ze hier wel verwacht. De eerste bruinvis van de dag is wederom een dode, waar een noordse stormvogel in zit te pikken. De eerste levende bruinvissen laten niet lang op zich wachten. Mondjesmaat druppelen er wat waarnemingen binnen. Aantallen die we hadden verwacht blijven uit. Gelukkig kunnen we stellen dat het ligt aan de afwezigheid van de dieren en niet de waarneembaarheid.

Net voordat we de Hoek van Holland binnenvaren volgen er nog wat waarnemingen. Ik zie dat er regen op komst is. Dit gaat gepaard met harde wind. We zijn wat dat betreft door het oog van de naald gekropen en precies op het goede moment door een rustige periode van drie uur gevaren. Gisteren hebben we elf bruinvissen gespot. Met de acht van vandaag maakt dat negentien. Een redelijke score. Meer zat er niet in het vat vandaag. Qua vogels kunnen we terugkijken op een divers en interessante trip. Benieuwd wat volgende maand op zal leveren.

Ernst Schrijver

 

17-18 augustus, Stil op de Noordzee

Het vertrek

Wij hadden 2 weekenden als optie, en dit werd door de drukte bij het hotelboeken teruggezet naar 1 weekend. Afgesproken in de hal en het inchecken liep voorspoedig. In de haven zagen wij 2 zeehonden voorbij zwemmen.

De wind is niet ideaal en nadat wij vertrokken schatten wij de zee op Bft 6. De voorspellingen kwamen gelukkig wel uit en na een uur varen werd het een stuk rustiger. De zee was leeg, gewoon eng. Op den duur zien wij wel diverse vogels welke op deze overtocht wel vaker worden gezien als Jan van Genten en diverse meeuwensoorten. Bruinvissen? Nee die laten zich niet zien.

Zonsondergang op de Noordzee

De hoop ligt op morgen, we stappen van boord en gaan naar de vaste stek “Captain Fryatt” waar wij na een drankje en een hoop gelach naar bed gaan.

De volgende ochtend, vol goede moed weer de Stena Line op. Als eigenlijk altijd loopt het inchecken anders dan ik gewend ben. Dit is inmiddels mijn 5e keer dat ik meega en het is nooit hetzelfde wat het iedere keer weer een bijzonder uitje maakt.

Eenmaal op zee waren de omstandigheden goed, en we verwachten veel van vandaag. Nou ons getuur werd 10 minuten voor het einde van de tocht dan eindelijk beloond. Nynke sprong op JAAAAAAAA bruinvis, 2 stuks. Dit was de ontlading na 2 lange dagen zee staren.

Een rustige vaart met de Hollandica

Dit jaar is het opvallend dat er weinig bruinvissen tijdens de maandelijkse overtochten worden waargenomen. Afgelopen jaren werden er meer dan 40 dieren per tocht waargenomen, nu is dat nog geen 17 bruinvissen per tweedaagse tocht. We gaan deze ogenschijnlijke “trend” vergelijken met observaties van andere organisaties elders op de Noordzee.

 

Samantha en Nynke

 

15 – 16 juni Een mooie zomerscore!

Na een heel rustig voorjaar, met lage aantallen getelde bruinvissen op zee, zijn we benieuwd wat deze zomer telling gaat brengen! In de begin jaren zagen we vrijwel niks in de zomermaanden, echter de laatste jaren werden wel regelmatig bruinvissen gezien. Spannend dus…

Na weken met heel wisselend zomerweer, hebben wij geluk dit weekend! Als we de haven van Hoek van Holland uitvaren schijnt de zo volop en hebben we een hele mooie vlakke zee. Prachtig mooi weer om bruinvissen en wie weet wat nog meer… te spotten J.

Al snel na het uitvaren ziet Marije de eerste bruinvis! Een paar keer zien we één bruinvis, later op de middag nog een paar tweetallen. Voor de rest is het rustig op zee, geen Jan van Genten vandaag, we noteren ook overige zeevogels en af en toe zien we afval drijven. De tweede helft van de survey neemt de wind wat toe en worden er geen bruinvissen meer gezien. De totale score is negen bruinvissen; een mooi resultaat voor een zomertelling.

Ook de tweede dag is het prima zomerweer en zijn de telomstandigheden prima. Deze dag zien we nog een zeehond die vlak voor de boeg wegduikt, veel Jan van Genten en in totaal vier bruinvissen. De bruinvissen lijken allemaal volwassen dieren, er worden geen jonge dieren gezien.

Tevreden gaan we naar huis en we zijn benieuwd wat de collega’s in juli gaan zien…

Marije Siemensma en Nynke Osinga

 

11 – 12 mei  Beginnersgeluk

Een vrachtschip onderweg (foto J. Vrooman)

Vol verwachting stap ik voor het eerst aan boord van de Stena Line. Terwijl ik achter Cora door de smalle gangen van het schip loop probeer ik mijn eigen verwachtingen te dempen – die verhalen over witsnuitdolfijnen en bultrug zijn echt zeldzaam! Wanneer na de donkere gangetjes deur van de brug opent knipper ik tegen het licht. De brug, veel groter dan ik dacht, is nog leeg. Wat een uitzicht! We zijn vroeg, en installeren ons rustig. Het wordt bakboord voor mij. Net als ik ongeduldig begin te worden komt de bemanning binnen, die het schip klaar maakt voor vertrek. Het is de Britannica, dus ik dompel me onder in hun Britse accent en voel me meteen op vakantie. Rugvinners zijn standaard voor hen – ze kijken niet op van onze aanwezigheid en laten ons onze gang gaan. Wanneer we eindelijk de haven uitvaren, langs “de paddestoel”, kijk ik verrukt van links naar rechts. Zee, all the way.

De kranen van Felixstowe (Foto J. Vrooman)

Gespannen tuur ik uit over het water. Al vrij snel zie ik iets, maar zijn manier van zwemmen (oké, en mijn verrekijker) verraden de zeehond. Een zeehond! Al snel hoor ik Cora van de andere kant “Ja, hier zit er een!” roepen. Vlak erna is het mijn beurt. Vlakbij het schip zwemt een bruinvis snel van ons weg, ik zie de staart flapperen in het heldere water. Yes! Slechts enkele minuten later zie ik er maar liefst twee, en nog iets later weer een zeehond. Verward en blij denk ik “dit belooft veel goeds!”. Maar helaas, het bleek beginnersgeluk. De rest van de tocht zie ik nog een enkele Jan-van-Gent, maar geen bruinvissen meer. Gelukkig kan ik nog lang teren op het beeld van de wegflapperende bruinvis uit het eerste half uur.

Parkeston (Foto J. Vrooman)

Daarom zet ik toch zeer voldaan voet aan wal in Parkeston, het havendorpje vlak naast Harwich. Dit dorp verdient wat mij betreft een blog op zich. Onderweg naar Parkeston een met planten begroeid tankstation, modderige paadjes tussen huizen door, muziek uit een barretje en afval op straat. Flashbacks naar Cambodia, ware het niet dat de huisjes zo typisch Engels zijn…

De terugweg de volgende dag bevestigt mijn beginnersgeluk. Ondanks geconcentreerd turen en twee bruinvissen aan stuurboord zit er voor mij niets in. Maar hé, zo zit de natuur nou eenmaal in elkaar. Soms wel, soms niet. Soms veel, soms weinig. En meditatief is dat uren turen over zee zeker…op naar een volgende keer!

 

In april was er geen tocht, dus ook géén Blog.

 

23 – 24 maart

Een groot containerschip op volle zee.

Het idee was om zo snel mogelijk in maart met de Stena Line mee te gaan. We hadden er zin in, maar daar dacht de wind anders over. Wekenlang bleef het hard waaien en moesten geplande tochten naar achteren verschoven worden. Uiteindelijk leek het dan het afgelopen weekend goed te worden. En achteraf beschouwd was de zaterdag redelijk, niet echt goed, maar de zondag was qua weer en “seastate”, een prima dag.

jan-van-gent voor de brug

Omdat men in Groot Brittannië enkel aandacht voor de Brexit heeft en men de hieruit voorkomende mogelijke bui al ziet hangen, is het hamsteren van voedsel en andere goederen explosief toegenomen. En dat is bij de Stena Line goed te merken. Iedere dag volle veerboten, met talloze vrachtwagens volgestouwd met goederen, naar het Britse eiland. Dit met de consequentie dat de boten nog wel eens later vertrekken. Ook op zaterdag was dat het geval. Met een kleine 3/4 uur vertraging vertrokken we met een windkracht 4 op zee.  Aan bakboord ook nog wel last van de nodige “glare” maar toch hadden Tamara en ik het idee dat het niet moeilijk zou zijn vandaag bruinvissen te spotten.  Onlangs op de veerboot van Den Helder naar Texel wist Tamara er ook snel al een te ontdekken. Maar ondanks de vele zeevogels onderweg die voor een deel toch een indicatie zijn voor de aanwezigheid van vis, bleef het bij één bruinvis op de heenweg.  Toch is ook de hoeveelheid zeevogels het vermelden waard. We zagen naast de tientallen jagende jan-van-genten, groepjes sternen (maar welke soort), aalscholvers, roodkeelduikers, noordse stormvogels, een grote jager, diverse meeuwensoorten (o.a. drieteen-, kleine en grote mantelmeeuw en zilvermeeuw), zeealken en sinds lange tijd ook weer eens een groep gewone zee-eenden.

De Paston Lodge. Ooit een vaste stek.

In Harwich liepen we na zonsondergang van boord richting ons verblijf bij Captain Fryatt. Onderweg kwamen we langs de Paston Lodge van Don Fisher. Het stond nu vanwege het ziek zijn van hem te koop. In de Captain Fryatt werden we al opgewacht door Maria en Yes. Snel inchecken en dan een verdiende pint in de pub.

In de ochtend liepen we weer naar de veerbootterminal. Niet zoals gewoonlijk terug met de Britannica, maar met de Hollandica, voor enkele maanden is hun schema helemaal omgegooid. Enfin, om een uur of kwart voor elf vertrokken we met de Britannica. Het water was heerlijk rustig, een klein windje zorgde voor een seastate van maximaal 2. Het was goed helder en we konden mijlen ver vooruit kijken. Al snel zagen we de eerste bruinvissen. Twee maal één dier en een keer twee dieren. Vier in totaal. Daarna doken de eerste vluchten roodkeelduikers op, voorafgegane door vele aalscholvers en met het zicht op de windmolenparken kwamen ook de jan-van-genten meer en meer in beeld. Soms met wel honderd dieren op en oven het water en met menig dier dat dook naar vis. Daar zat dus vis en wat vaak wel gebeurde, gebeurde nu niet. Geen enkele bruinvis liet zich in dit stuk water zien dat vol zat met vis. Dus die dag bleef het bij het viertal van het begin van de tocht. Jammer! We waren klaar om er meer te zien, maar ze waren er nagenoeg simpelweg niet.

Helaas, ook op deze tocht weer meerdere ballonnen.

Wat er helaas wel was, zelfs al in het begin van het voorjaar waren de ballonnen midden op zee. Helaas. Ballonnen van kunststof en van folie. Wanneer stoppen we hier eens mee?

Uitgetuurd kwamen we rond zessen aan bij Hoek van Holland.  Daar waar de “Hoekse lijn” voorlopig nog niet zal rijden … 🙂 .

Frank

 

 

 

 

23 – 24 februari 

Beautiful sightings in lovely weather (Foto: E. Schrijver)

So before actually going on this survey expedition I had little (actually none) experience in surveying marine mammals for monitoring data collection. So, I expected it to a good learning experience. After three weeks of cancelled weekend trips we finally had good weather prediction for the last weekend of February.

We entered the Stena Line airport-like shipping building in Hoek van Holland and as we were part of the Rugvin foundation and there for work, not vacation, we were part of the crew. So I was able to see what a crew on a ship experienced, the mess hall being the most important place (where they serve the food). The best part of the boat was the bridge, and luckily enough this was where we spent most of our time on the boat, collecting data.

Some porpoises near a wind farm (Foto: E. Schrijver)

Being on the bridge, you are in the very front and highest part of the boat, with the best view (in my opinion). We started the survey at around 2pm in the afternoon, and right off the bat I saw a porpoise directly in front of us, and then we saw it swimming right next to the bow. It was beautiful and also so much smaller than I expected. And with that we started the day.

During the survey the seastate was a calm 1 to 2, so it was a little difficult to find any porpoises. From then on, we saw some groups of porpoises with some groups of 4 and 6. About 2 hours before sunset the conditions were not very good, with almost no way of detecting any porpoises. We ended the day with tired eyes at the Fryatt Hotel.

The next morning, with better-predicted weather conditions, we left the port on the Stena Hollandica. The normal schedule of the ferries has been reversed until at least Christmas of this year. At 11am we left Harwich International with a little bit of fog which soon enough cleared up. Soon after coming out of port, we saw no less than 16 seals!

With the great conditions of the water and weather and nearly no glare we expected to make a high number of sightings, but unfortunately we didn’t see many porpoises for the first 2 hours. But then suddenly, in the third hour, there were so many! And after a while we reached the off-shore windmill farm where there were a couple or porpoises swimming around.

What is this seal eating? Could it be a porpoise? (Foto: E. Schrijver)

At some point we both saw a group of birds (I don’t remember the species) just floating on the water at about 300m away. We looked closer and we saw a seal in the middle of the birds. But not just a seal, but a seal that was feeding on something, something quite large, like a porpoise!

By the end, we entered Hoek van Holland with tidal changes and a high number of porpoises sighted, the ending of a good survey.

 

 

A couple of porpoises in the Nieuwe Waterweg on arrival. (Foto: E. Schrijver)

Maguiña Ramilo Henry

 

5 – 6 januari 

Zaterdagmiddag 5 januari vertrokken we uit Hoek van Holland voor enkele uurtjes bruinvissen spotten aan boord van de Britannica. Het weer speelde ons in de kaart. Na wat ruige meteorologische omstandigheden in de ochtend was de wind in de middag wat gaan liggen en zou het zicht onder een staalgrijs wolkendek perfect zijn om de zoölogische weelde van de Noordzee in kaart te brengen. Zo’n winterse oversteek is toch altijd weer afwachten, maar we hadden goede hoop dat zich in de laatste drie uur daglicht toch wat natuur zou vertonen. Met de verrekijker in de aanslag namen we plaats voor een hopelijk mooi spektakel dat zich in ons blikveld zou afspelen.

De Britannica nam het ruime sop en het spotten was begonnen. Lang de kust was het een komen en gaan van aalscholvers, zeekoeten en alken net wegschietend voor de boeg van het drijvende flatgebouw. Ook vogels in formatie aan de horizon, dat zou toch een kans moeten zijn. Een uur verstreek, maar er vertoonde zich geen enkel zeezoogdier, terwijl de dag ervoor toch iets verderop voor de kust van Scheveningen nog een bultrug was gesignaleerd. Deze bleef helaas buiten ons blikveld. Op volle zee waren de condities ook niet je dat; de boot deinde behoorlijk en de golven werden allengs schuimiger. Geen goede omstandigheden dus. Toch namen we plotseling wat waar. Enkele bruinvissen op zo’n vijftig meter van de boot. Kenmerkend, twee keer boven water duikend en weer weg. Gelukkig, de moeite zou voor niets zijn geweest. Rond kwart over vier weer, nog twee op honderd meter aan de andere kant. En daar bleef het bij. Geen groots schouwspel en al gauw zou de invallende avond het spotten onmogelijk maken. Gelukkig biedt de boot voldoende vertier om je de volgende drie uur niet te hoeven vervelen.

Jagende grijze zeehond in haven Harwich (Foto WJ Strietman)

Zondagmorgen 6 januari stonden we voor dag en dauw op, om op tijd te zijn voor de afvaart van de Hollandica. De voorspellingen waren een stuk beter dan de dag ervoor. De wind was gaan liggen, de hemel nog steeds hoog bewolkt en het zicht minimaal tien kilometer. Perfecte omstandigheden! Dus na uitgebreid zeehonden te zien jagen in de haven van Harwich volgden we een enorm containerschip van Maersk de haven uit. Deze zou ongeveer een uur voor ons blijven varen en mijn vermoeden was dat die door zijn vaart het beetje fauna voor de boeg wel weg zou jagen. Toch, niet ver uit de kust van Engeland, was er een duidelijke beweging op het water een goede honderd meter ten zuiden van de boot! Zeker één exemplaar dat twee keer boven water kwam, maar zich niet meer zou vertonen. Ik meende ook dat deze van ons weg zwom. Maar goed, de kop was eraf. De bemanning besloot in overleg voor een gunstige koers via de zuid, het was inmiddels een uur of half twaalf (GMT) en we zouden de komende vijf/zes uur geen veranderende omstandigheden hebben. Rustig kamden we het gebied uit; veel vogels en zelfs nog een duif die amechtig de koers van het schip bleef volgen. En toen ineens, gespot door beide, schoot een behoorlijk exemplaar recht voor de boeg weg naar het noordoosten. Een zekere waarneming. Het moet een uur of half een zijn geweest. Land was al niet meer in zicht. De stemming zat erin. Dit zou een mooie dag worden! Ook de bemanning was enthousiast geworden.

Sander, één van de observers aan boord van de Stena Line (Foto WJ Strietman)

En toen gebeurde het rond een uur of twee, op honderd meter ten zuidoosten van de boeg, ook gezien door de bemanning: zeker vijf witsnuitdolfijnen die tegelijkertijd in volle vaart weg van de boot boven water naar adem hapten. Schitterend!

Helaas bleef het daarbij; de langzaam invallende schemering voor de zuidwestkust van Nederland, waar tientallen zeeschepen liggen te wachten tot ze eindelijk tot de haven worden geroepen, maakte het langzaam onmogelijk om nog wat te zien.

Enkele waarnemingen van bruinvissen en als hoogtepunt de witsnuitdolfijnen in formatie, maakten de overtocht waardevol.

Sander

 

Naar boven