Blog 2019

Elke maand gaan er twee waarnemers aan boord van de veerboten van Stena Line van Hoek van Holland naar Harwich en terug om walvisachtigen te tellen. Meer informatie over dit onderzoek lees je hier. Nieuwsgierig naar alle belevenissen van waarnemers van Rugvin? Klik dan op ook op één van de  (andere) jaartallen in het menu.

5 – 6 januari 

Zaterdagmiddag 5 januari vertrokken we uit Hoek van Holland voor enkele uurtjes bruinvissen spotten aan boord van de Britannica. Het weer speelde ons in de kaart. Na wat ruige meteorologische omstandigheden in de ochtend was de wind in de middag wat gaan liggen en zou het zicht onder een staalgrijs wolkendek perfect zijn om de zoölogische weelde van de Noordzee in kaart te brengen. Zo’n winterse oversteek is toch altijd weer afwachten, maar we hadden goede hoop dat zich in de laatste drie uur daglicht toch wat natuur zou vertonen. Met de verrekijker in de aanslag namen we plaats voor een hopelijk mooi spektakel dat zich in ons blikveld zou afspelen.

De Britannica nam het ruime sop en het spotten was begonnen. Lang de kust was het een komen en gaan van aalscholvers, zeekoeten en alken net wegschietend voor de boeg van het drijvende flatgebouw. Ook vogels in formatie aan de horizon, dat zou toch een kans moeten zijn. Een uur verstreek, maar er vertoonde zich geen enkel zeezoogdier, terwijl de dag ervoor toch iets verderop voor de kust van Scheveningen nog een bultrug was gesignaleerd. Deze bleef helaas buiten ons blikveld. Op volle zee waren de condities ook niet je dat; de boot deinde behoorlijk en de golven werden allengs schuimiger. Geen goede omstandigheden dus. Toch namen we plotseling wat waar. Enkele bruinvissen op zo’n vijftig meter van de boot. Kenmerkend, twee keer boven water duikend en weer weg. Gelukkig, de moeite zou voor niets zijn geweest. Rond kwart over vier weer, nog twee op honderd meter aan de andere kant. En daar bleef het bij. Geen groots schouwspel en al gauw zou de invallende avond het spotten onmogelijk maken. Gelukkig biedt de boot voldoende vertier om je de volgende drie uur niet te hoeven vervelen.

Jagende grijze zeehond in haven Harwich (Foto WJ Strietman)

Zondagmorgen 6 januari stonden we voor dag en dauw op, om op tijd te zijn voor de afvaart van de Hollandica. De voorspellingen waren een stuk beter dan de dag ervoor. De wind was gaan liggen, de hemel nog steeds hoog bewolkt en het zicht minimaal tien kilometer. Perfecte omstandigheden! Dus na uitgebreid zeehonden te zien jagen in de haven van Harwich volgden we een enorm containerschip van Maersk de haven uit. Deze zou ongeveer een uur voor ons blijven varen en mijn vermoeden was dat die door zijn vaart het beetje fauna voor de boeg wel weg zou jagen. Toch, niet ver uit de kust van Engeland, was er een duidelijke beweging op het water een goede honderd meter ten zuiden van de boot! Zeker één exemplaar dat twee keer boven water kwam, maar zich niet meer zou vertonen. Ik meende ook dat deze van ons weg zwom. Maar goed, de kop was eraf. De bemanning besloot in overleg voor een gunstige koers via de zuid, het was inmiddels een uur of half twaalf (GMT) en we zouden de komende vijf/zes uur geen veranderende omstandigheden hebben. Rustig kamden we het gebied uit; veel vogels en zelfs nog een duif die amechtig de koers van het schip bleef volgen. En toen ineens, gespot door beide, schoot een behoorlijk exemplaar recht voor de boeg weg naar het noordoosten. Een zekere waarneming. Het moet een uur of half een zijn geweest. Land was al niet meer in zicht. De stemming zat erin. Dit zou een mooie dag worden! Ook de bemanning was enthousiast geworden.

Sander, één van de observers aan boord van de Stena Line (Foto WJ Strietman)

En toen gebeurde het rond een uur of twee, op honderd meter ten zuidoosten van de boeg, ook gezien door de bemanning: zeker vijf witsnuitdolfijnen die tegelijkertijd in volle vaart weg van de boot boven water naar adem hapten. Schitterend!

Helaas bleef het daarbij; de langzaam invallende schemering voor de zuidwestkust van Nederland, waar tientallen zeeschepen liggen te wachten tot ze eindelijk tot de haven worden geroepen, maakte het langzaam onmogelijk om nog wat te zien.

Enkele waarnemingen van bruinvissen en als hoogtepunt de witsnuitdolfijnen in formatie, maakten de overtocht waardevol.

Sander

 

Naar boven