Blog 2018

Elke maand gaan er twee waarnemers aan boord van de veerboten van Stena Line van Hoek van Holland naar Harwich en terug om walvisachtigen te tellen. Meer informatie over dit onderzoek lees je hier. En ieder jaar tellen we de bruinvissen van de Oosterschelde. Nieuwsgierig naar de belevenissen van waarnemers van Rugvin? Klik dan op één van de jaartallen in het menu.

 

13 – 14 oktoberG(een) waarneming

Een vaste overnachtingsplek is de Captain Fryatt in Parkeston (Foto T. de Haan)

Na een super leuke cursus op de Oosterschelde waarbij we meerdere bruinvissen hadden gespot was ik reuze enthousiast geworden over de tocht met de Stena Line. Na mij te hebben opgegeven voor een weekend met Frank Zanderink om de bruinvissen in dat betreffende vaargebied in kaart te brengen was ik er helemaal klaar voor, camera, verrekijker, gps ontvanger en diverse kaarten om gegevens op bij te houden. Na een warm ontvangst op de Stena Line was het dan zover, Frank aan bakboord zijde van de boot en ik aan stuurboord zijde. Op 30 meter hoogte een prachtig uitzicht op de Noordzee en zo voeren wij uit. De uren verstreken en het turen in de verrekijker bleef, het zou toch zonde zijn als je net afweek en je daardoor zo een prachtig diertje mist. Nog wat uren verstreken en voor we er erg in hadden was het schemerig aan het worden en niet veel later voeren we de haven in van Harwich. Na een prettige overnachting konden we weer uitgerust verder voor de terugweg, dan zou er toch wel wat aan de horizon verschijnen?

 

 

Het team op de brug van de Britannica (Foto T. de Haan)

Na weer een vriendelijke ontvangst van ditmaal de Engelse bemanningslieden van de Stena Line gingen we vol positieve moed verder… Ook dit maal verstreken de uren, we zagen wat jan-van-genten, een enkele Noordse stormvogel en Frank spotte nog een paartje alken wat zich vlak over de zee verplaatste. Ineens hoor ik vanuit bakboord zijde, ‘ja daar is er een’ dus ik ren zo hard ik kan met camera, verrekijker en een dosis enthousiasme naar de andere kant van de boot maar helaas, nadat de bruinvis zich 2 keer had laten zien kwam hij niet meer boven en voeren we verder. Dit maal helaas geen geluk voor mij, de bruinvissen en eventueel andere dolfijn/walvisachtigen lieten zich niet meer zien, na 360 km over zee te hebben getuurd was ik wel enigszins verbaasd.

De Stena Britannica voor de afvaart uit Harwich (Foto T. de Haan)

 

De volgende keer dat ik weer een zeezoogdier voorbij zie schieten in het water, zal ik er met nog meer waardering naar kijken want ik weet nu ook dat ze zich, al doe je nog zo je best, ze zich echt niet altijd laten zien.

Ondanks de 0 waarnemingen vanuit mijn kant was het een mooie ervaring om met zo een mooie veerboot en onder het goede gezelschap van Frank dit avontuur mee te mogen maken. Op naar de volgende keer en hopelijk hebben we dan wat meer geluk.

Tamara de Haan

 

 

 

 

 

29 en 30 september 

Grijze zeehond (Foto S. Dame)

Zonsondergang boven Engeland (Foto: S. Dame)

Na een september met een hoop weekenden met te veel wind was het weekend van 29 en 30 september de laatste optie. Maar we hadden geluk! Het was mooi weer en dus konden we dit laatste weekend van september toch gaan varen. Ernst kon zelf helaas niet dit weekend, maar had op het laatste moment Samantha nog kunnen regelen. Ze was pas net een paar dagen terug uit Brazilië, maar een weekendje Engeland kon er nog wel achteraan. Samantha en ik waren allebei nog maar enkele keren mee geweest, maar met de uitleg van Ernst, het protocol en elkaars hulp kwam het helemaal goed.
Ik had de gps om bij elke bruinvis de coördinaten te kunnen opschrijven. We hadden afgesproken dat als Samantha er een zag aan haar kant, ze “bruinvis” zou roepen en ik de coördinaten zou schrijven.
Niet lang nadat we de “paddenstoel” aan het eind van de pier waar de telling zou starten waren gepasseerd hoorde ik de eerste keer “bruinvis!”. Dat was in elk geval een goed begin. Ook zagen we hier en daar een zeehond. Het eerste uur bleef Samantha roepen. Ik begon toch wel een beetje aan mezelf te twijfelen, want ik zag alleen maar zee en van bruinvissen leek aan mijn kant geen sprake te zijn. Na zo’n anderhalf uur zag ik er gelukkig toch nog twee, maar dat bleken wel de laatste 2 van de dag te zijn.
Het was eind september dus we hebben de zon ook zien ondergaan op de boot. Engeland was al aan de horizon te zien, maar het was te donker om de telling tot het eindpunt af te maken.
We sliepen die nacht in het Fryatt hotel. Het was om een of andere reden een heel druk weekend en we hadden de laatste kamer nog kunnen boeken. Iets wat blijkbaar nieuw was, was dat er nu ook ontbijt bij de overnachting inbegrepen zat. Dus wij stonden om 7 uur ’s ochtends klaar voor het ontbijt. Maar bij de dichte deur stond een vrouw te wachten die blijkbaar haar tweede dag daar werkte en de jongen met de sleutel die was er nog niet. Met niet heel veel beters te doen stonden we er bijna een uur terwijl er langzaam steeds meer andere hotel gasten naar beneden kwamen en de vrouw haar verhaal moest blijven herhalen en duizend maal excuses aanbood.

Bij de Stena line hadden we meer geluk. Toen we aangaven dat we de whale whatchers waren mochten we meteen aan boord en op de boot konden we nog wat ontbijt halen.
Onze Britse kapitein was lekker competitief en was ervan overtuigd dat we er op de Stena Brittanica wel meer zouden moeten kunnen spotten dan de 11 van de dag ervoor op de Stena Hollandica. Ook deze dag begon goed en we zagen vooral aan het begin weer veel bruinvissen. We bleven hangen op 10 en samen met de kapitein hoopten we dat we er voor de Nederlandse kust nog wel wat zouden zien. Maar helaas, waar er gisteren zoveel zaten zagen we nu niks. Ondanks dat gingen we allebei wel met een tevreden gevoel weer naar huis.

Cora Verdijk

 

01 en 02 augustus

Klaar voor het uitvaren (Foto R. Smit)

Op 1 en 2 augustus was het weer tijd voor de maandelijkse survey op de Stena Line. De weersvoorspellingen waren goed, met voorspellingen van windkracht 2 en 3. Dit is perfect voor een survey! Augustus staat bekend als een maand met weinig waarnemingen, maar omdat er een paar dagen voor de survey nog een melding was geweest van dolfijnen tussen Engeland en Nederland, hadden we toch goede hoop.

Als speciale gasten (supernumaries) mochten wij als eerste aan boord komen, en konden we nog lunchen in de ‘’officers mess” voordat het schip zou vertrekken. Tijdens de lunch bekeken we het survey protocol nog een keer en bespraken we wat we ook al weer allemaal moeten noteren als we een bruinvis (of andere walvis) zouden spotten. Daarna was het tijd om naar de brug te gaan en ons voor te bereiden op de tocht.

Uitzicht op de veerhaven van Harwich (Foto R. Smit)

Gelijk bij het uitvaren van de haven zag ik een klein zwart vinnetje uit het water komen. En bij de tweede ademhaling kon ik duidelijk zien dat het een bruinvis was. Dat was dus een goed begin! Het was wel nog even lastig om de aftstand te bepalen. Zelf dacht ik misschien 200 meter, maar de kapitein gaf aan dat het zeker 500 meter moest zijn. Als je van zo’n grote hoogte naar de zee kijkt, vergis je je al snel in de afstanden! Zoals voorspeld was het weer bijna perfect: weinig wind en dus weinig golven, en dat in combinatie met perfect zicht.

De rest van de tocht bleven de weersomstandigheden bijna perfect. Wat wel opviel was dat er heel weinig vogels te zien waren. Bij vorige tochten zagen we soms honderden Jan van genten. Maar vandaag waren dat er slechts enkele tientallen. Dat er zo weinig vogels waren was een slecht voorteken, en helaas hebben we die dag geen andere waarnemingen meer gehad.

S ’avonds dronken we nog een biertje bij het hotel, dat kon buiten, want ook in Engeland deden ze mee aan de hittegolf.

De volgende dag stonden we vroeg op en namen we taxi terug naar het schip. Nadat we onze paspoorten hadden laten controleren, konden we aan boord.

Harwich vanaf de brug (Foto R. Smit)

Ook vandaag waren de weersomstandigheden bijna perfect. Maar ook nu waren er weer opvallend weinig vogels te zien. Na een paar uur turen zag ik uiteindelijk de eerste bruinvis van de dag. Helaas was hij ook weer net zo snel weg als hij verscheen. Maar een bruinvis is een bruinvis! Onderweg zagen we helaas ook weer veel plastic drijven. Het waren voornamelijk ballonnen. Ook zagen we iets drijven dat waarschijnlijk een opblaas krokodil moest zijn. Na een tijdje zag ik nog een vinnetje verschijnen, en even later twee vinnetjes tegelijk. Twee bruinvissen! Een half uur later spotte Nynke er ook 1, en niet veel later nog 1.  Het totaal aantal bruinvissen van vandaag kwam hiermee op 5. En het totaal van de gehele survey was 6.

Niet heel veel waarnemingen dus, maar voor augustus was het gelukkig dan weer wel een goed resultaat! Hopelijk heb ik bij een volgende survey meer geluk, want ik ga graag nog een keer mee!

Ronald Smit

 

2 en 3 Juni

Afgelopen weekend was het weer tijd voor een Stena Line survey. Weerberichten van een vrijwel gladde zee (Bft 2-3) met af en toe wat zon voorspelde veel goeds. Ondanks een gemiste trein en wat vertragingen, was ik gelukkig toch nog op tijd om samen met Frank door de douane te gaan en aan boord te stappen van de Hollandica.

Camera en formulieren klaar voor de start!

Na een goede lunch en een voorstelrondje op de brug stonden we al snel klaar vol goede hoop op de bak- en stuurboordzijde met verrekijker en formulieren in de aanslag. Het was volledig bewolkt, maar dat kon de pret niet drukken want het water was zoals voorspelt mooi rustig (Bft 3). Eenmaal voorbij de ‘paddenstoel’ op de kade kon de survey beginnen. De eerste paar uren zagen we niet meer dan een aantal kleine mantelmeeuwen en een paar jan-van-genten, maar toen zag ik in de hoek van mijn oog iets wegduiken vlakbij de boot – bruinvis? Terwijl ik gefocust bleef op de plek waar ik beweging zag, zie ik ernaast een rugvin en een deel van de peduncle wegduiken – SIGHTING! Frank kwam eraan lopen, maar het was jammer genoeg al te laat. Beide kwamen niet meer naar boven en ik had maar een glimp van de beestjes kunnen opvangen. Na een debriefing met Frank waren we het erover uit dat in combinatie met het gedrag, het hoogstwaarschijnlijk bruinvissen waren. Maar gezien de slechte hoek waarop ik ze had gezien, kon ik het niet met zekerheid zeggen en zijn ze als ‘unidentified cetacean’ op het formulier gegaan. Ondanks de korte duur van de encounter, voelde we ons alle twee weer bemoedigd – op naar de volgende encounter! Maarja… zoals je waarschijnlijk al weet, die kwam jammer genoeg niet meer.

 

Uitzicht vanaf de brug met de haven van Harwich al zichtbaar op de horizon

Terug in Hoek van Holland

In de middag heb ik in de verte nog een grijze zeehond gezien, maar voor de rest konden we het encounter formulier laten liggen en was de survey zeer rustig. Het weer werd beter naarmate we dichterbij Harwich kwamen: het water werd nog vlakker met alleen een lichte rimpel die de aanwezigheid van een beetje wind verraadde  (Bft 2) en de wolken trokken meer en meer weg. Toen we het eerste streepje Engeland op de horizon zagen liggen zaten we zelfs allebei in de zon, wanhopig te zoeken naar leven – want ondertussen waren we ook niet veel vogels tegengekomen. Jammer genoeg bleef het deze dag bij die ene encounter. Dus toen we de survey officieel konden stoppen, pakten we allebei (een beetje verslagen) onze spullen in, bedankte de crew op de brug en liepen we richting de voetgangersuitgang van het schip. Ondanks dat het schip volledig volgeboekt was, konden we spoedig doorlopen en waren we al snel door de  douane heen om onze eerste stappen in Engeland te zetten. Eenmaal aangekomen bij de Captain Fryatt lodge, waren Frank en ik het al snel eens dat er geproost moest worden op de, ietwat rustige, maar in de spirit van ‘geen data is ook data’, toch succesvolle survey en vooral op meer encounters voor de volgende dag;)
De volgende ochtend waren we allebei vastberaden om positief de dag in te gaan. Maar onderweg naar de Brittanica konden we niet ontkennen dat het erg mistig was. ‘ah… dat trekt wel weg op zee – geen probleem; vandaag wordt de dag’, kon je ons  allebei hardop horen denken. Eenmaal op brug, was het duidelijk dat ondanks de slechte zichtbaarheid door de mist, het water bijna perfect vlak was met nauwelijks een golfje in zicht (Bft 1.5/2). Tijdens het ontbijt waren we er allebei dan ook van overtuigd dat het de perfecte omstandigheden zouden zijn als we eenmaal op zee zouden zitten uit de mist. Na het eerste uur, was het nog steeds even mistig als in het begin. Maar na een paar uur werd het steeds afwisselender, omdat de zogenaamde ‘mist-muur’ heel snel een paar 100 meter verder weg kon trekken (jeeej!) maar dan ook weer iedere keer weer heel snel terug kwam. Dus als we eindelijk ver genoeg konden zien om een verrekijker te kunnen gebruiken (700-800 meter), kon het binnen enkele seconden al weer zo slecht zijn dat je nauwelijks voorbij de boeg van het schip kon kijken…

De zogenaamde ‘mist-muur’

We werden op een gegeven moment ‘wakker’ geschut toen de misthoorn van het schip meerdere keren werd gebruikt om een kleine speedboot op de radar te alarmeren van onze aanwezigheid. De crew vroeg ons ook om ook op te letten of we een kleine boot tegen kwamen. Na een paar minuten zagen we in ongeloof de kleine speedboot vlak voor de Britannica oversteken op geen 300 meter afstand! Dit zorgde voor nogal wat ophef, maar na een tijdje was het weer uitkijken over dezelfde ‘mist-muur’ in de hoop dat we iets in het water zouden zien. De kapitein vertelde ons dat het na de lunch beter zou moeten worden, maar dat bleek uiteindelijk meer gebaseerd op hoop dan feiten. Na de lunch was de volhardende ‘mist-muur’ nog steeds niet gevallen en bleven we uitkijken over slechts een paar 100 meter zichtbare zee – die overigens nog steeds heel kalm was (Bft 2). Uren gingen voorbij en het zicht bleef zo slecht, dat Frank en ik allebei niet doorhadden toen we al aangekomen waren in de Hoek van Holland – we vroegen op een gegeven moment aan de crew wanneer we ongeveer zouden aankomen, toen bleek dat we 5 minuten geleden al de nieuwe waterweg opgevaren waren. De mist was zo dicht dat we letterlijk de paddenstoel niet hebben kunnen zien. Maar eenmaal aangekomen in de Stena haven werden we gegroet door een blauwe lucht en stralende zon. Samenvattend was deze tweede survey dag ook weer erg rustig qua vogels en hebben we voornamelijk veel sepia schelpen zien drijven. Het encounter formulier bleef jammer genoeg deze trip leeg.
Zonnige aankomst in de Stena haven

Algeheel hebben we dus maar 2 ongeïdentificeerde cetaceans, een grijze zeehond, een handjevol zeevogels en een verdwaalde duif gezien. Dat is alles behalve veel, maar aan de effort en de sfeer op het schip heeft het zeker niet gelegen;) Toen we van het schip af stapte vroeg Frank aan mij of ik nog wel een keertje mee wilde aangezien het nogal karig was geweest – maar ik reageerde al snel met een overtuigende JA- ik denk dat aan het einde van de dag de lol van zo’n survey toch is dat het onvoorspelbaar is, je weet nooit wat je gaat zien of hoeveel, maar dat maakt het een avontuur en tenzij we de volgende keer helemaal niks tegenkomen, kan het toch alleen maar beter worden 🙂

 

Naomi Tuhuteru

 

19 en 20 Mei

Observatie dek (foto: S. Daemen)

Dit weekend is het zover, de Stena Line is geboekt. Wij gaan dit weekend op bruinvissen survey op de brug van de Hollandica en Brittanica van de Stena Line. Om 12:00 afgesproken met Ernst, de 1e observer om vervolgens daarna door de douane heen te gaan en naar de brug te lopen. Na elkaar kort voorstellen een doorloop van de verwachtingen gedaan. Vanmorgen zal de wind nog vrij sterk zijn, maar na verloop van de dag gaat deze liggen.

Na de afvaart werden er al snel bruinvissen gespot, ik miste ze allemaal. Jeetje, ik doe toch iets verkeerd, maar goed na een aantal dieren werd het rustig. De zee ging ook van Bft 4 naar 1, goede omstandigheden om iets te spotten. Na 3 uur stond de stand op 12 bruinvissen, en diverse Jan van Genten maar daarna werd het helemaal stil, geen vogel/bruinvis niets. Ineens schoot er een noordse pijlstormvogel langs en toen Ernst mij erop wees dook hij onder, ok heb echt mijn dag niet hoor vandaag.

Jan-van-gent (foto: S. Daemen)

Eenmaal aan wal zijn we naar Captain Fryatt gewandeld waar wij de nacht doorbrachten. Na de tassen afgooien en opfrissen de kroeg nog even ingegaan.

Nieuwe dag, nieuwe kansen, wel eerst even vroeg op. De weersomstandigheden vandaag zijn beter, zo goed als windstil in de ochtend. Eerst nog even een ronde gewandeld achter het dorp, waar wij diverse vogels/reeën/eekhoorns hebben gezien. Met een goede honger naar de Stena Line gewandeld en daar ingecheckt. Hier duurde het allemaal wat langer voor wij op de brug stonden maar geen probleem, het is net als gisteren een hele belevenis. Even een kort voorstelrondje met de kapitein en aan boord ontbijten. Raampje schoon en kom maar op Bruinvissen wij zijn er weer klaar voor.

Bruinvis onder het oppervlak vanaf de Stena Line (Foto E: Schrijver).

Na 2 uur varen, ging de teller van Ernst alweer flink op. Ik keek voor mij en mijn overzicht was nog steeds leeg. Inmiddels werd het wat mistiger en werd het zicht beperkter. Ineens zag ik in de verre verte een twee tal zwarte puntjes, ok ik zag iets. Verrekijker erbij, hmmm…. niets ok verrekijker weg en ja zag het toch weer wederom verrekijker erbij, en uit volle borst riep ik “Bruinvis” ik springen yes,yes,yes eindelijk mag ik op mijn lijst ook wat invullen. Het bleken er 3 te zijn, die uiteindelijk ook prachtig dicht langs het schip scheerde. Op de achtergrond hoorde ik de kaptein en zijn crew giechelen, sorry hoor jongens maar na 8 uur turen werd ik wel wat overenthousiast. Daarna ging het ineens hard, en zowel Ernst als ik moesten blijven schrijven. In een uur tijd stond de teller ineens over de 30 bruinvissen.

Het zicht vanuit de Stena Line (Foto S.Daemen)

Noodloot sloeg toe, als verwacht werd het weer minder. De wind trok aan en maakte het spotten onmogelijk met Bft 4. Vlak voor mij zag ik nog een bruinvis opduiken, die lak had aan het schip en op zijn gemak voorbij zwom. Om het nog lastiger te maken, dichte mist. 1 ½ uur niets kunnen doen behalve de papieren op orde brengen.

Een half uur voordat wij aanmeerde klaarde de mist op en was het land al in zicht. Uiteindelijk hebben wij deze trip 46 dieren gezien, waarvan 1 kalfje.  Naast de bruinvissen werden er ook tal van zeevogels waargenomen zoals jan-van-genten.

Samantha

 

14 – 15 april 

Bultrug (Foto WJ Strietman)

Met op de heen en terugweg een voorspelde rustige zee en het feit dat april de piekmaand in bruinviswaarnemingen is hadden we goede hoop voor een succesvolle tocht. Een half uur uit de haven van Hoek van Holland zagen we de eerste bruinvis. En vervolgens zagen we een paar uur lang elke 2/3 minuten één of meerdere dieren die overal opdoken. En zo snel als het begon, zo snel stopte het ook weer. Het waren er teveel om te tellen en te noteren. Overal waar we de verrekijker op richtten dook er wel eentje op. We hebben er ruim 190 genoteerd, maar wij vermoeden dat we er ook velen over het hoofd gezien hebben; het waren er simpelweg te veel om goed te kunnen tellen. 

Grote jager (Foto WJ Strietman)

Ondertussen zagen we ook allerlei vogels, waaronder vele jan van genten, noordse stormvogels, zeekoeten en alken. En zelfs enkele grote Jagers, die zich tegoed deden aan een dode Jan van Gent. Wat ook opviel was de grote hoeveelheid drijvend afval; door de gladde zee was dit nu nog duidelijker; we zagen vele stukken plastic, ballonnen, touwen, etc. 

Na de stortvloed aan bruinviswaarnemingen kwamen we figuurlijk even in rustiger vaarwater. Een half uur lang was er al geen bruinvis meer te zien en we naderden langzaam het windmolenpark voor de kust bij Harwich.; de aankondiging dat we weldra in ondiepere wateren zouden aankomen, waar op basis van onze eerdere tellingen, de kans op bruinvissen een stuk lager is. We praatten nog rustig na over wat we zojuist ervaren hadden toen Jeroen opeens riep: bultrug! Ik pakte mijn camera op, en we renden samen met de gealarmeerde bemanning meteen naar de rechter kant van de brug om te kijken of we deze walvis nog een keer zouden zien.

Bruinvis vanaf Stena Line veerboot (Foto: WJ Strietman)

Ondertussen voer de boot met twintig knopen verder, dus we hoopten dat hij nog een keer boven zou komen. En, bam! Nu dook de bultrug naast de boot op, zo’n 150 meter van ons vandaan. Goed te zien in het zonnetje kwam hij boven en dook snel weer onder. Iedereen stond perplex te kijken naar dit bijzondere schouwspel: een bultrug! Stichting Rugvin voert in samenwerking met Stena Line deze maandelijkse tellingen tussen Hoek van Holland en Harwich al uit sinds 2005 en dit is de eerste keer ooit dat er een walvis waargenomen is.

Op basis van de genomen foto’s nemen we contact op met personen de rest van Europa om te kijken of deze walvis al eens ergens eerder gezien is. In het Noord-Atlantisch gebied worden namelijk zoveel mogelijk bultruggen geïdentificeerd aan de hand van individuele kenmerken. Foto’s en andere informatie worden per dier vastgelegd, waardoor het mogelijk is om dieren te herkennen als die ergens in Europa opduiken en zo hun migratiepatronen en leefgebieden in kaart te brengen.

De volgende dag vertrokken we met mist vanuit Harwich richting Hoek van Holland. Een paar uur uit de kust trok die echter langzaam op en begon de wind af te nemen; wederom ideale omstandigheden om bruinvissen te spotten. Alhoewel we nu door de mist minder uren op zee hadden waarbij we goede konden waarnemen, telden we desondanks nog ruim 90 bruinvissen.

Bij elkaar hebben we dus ruim 280 bruinvissen genoteerd, en een bultrug. Een hele bijzondere trip dus!

Wouter Jan en Jeroen

 

17 – 18 februari

Een heerlijk kalme Noordzee.

De tweedaagse trip was eerst een weekend eerder gepland. Maar vanwege de voorspellingen van harde winde en hoge golven was er besloten deze te verzetten naar afgelopen weekend. En dat was een goed keuze! Helaas voor Eef die naar de andere kant van de wereld vertrekt, maar mooi voor Ronald die dit weekend mee kon.

Eenmaal aan boord en gesetteld op de brug keken we over het water heen en “zagen dat het goed” was. Overal rustig water om ons heen, de wind was kalm en eenmaal buiten op zee waren er nauwelijks golven. We maakten ook kennis met een voor ons nieuwe kapitein en ook was Gert Jan een eerste stuurman weer van de partij. Die had ik al in geen kleine 10 jaar meer gezien. Eenmaal buiten de Nieuwe Waterweg zoals gebruikelijk aalscholvers op de rotsen en in het water en verderop zilvermeeuwen en mantelmeeuwen.

Witsnuitdolfijn springend uit het water (Foto niet tijdens deze trip gemaakt!)

Na een halfuur zag Ronald al de eerste bruinvis en even later al weer twee bruinvissen. En zo ging dat wat op en neer dan aan bakboord 1 of 4 dan weer aan stuurboord. Tot Ronald riep “ik zie splashes”! Waar, vroeg ik? Op “12 uur” (=recht vooruit). Ik zag niks, niet wetende dat Ronald ze op minimaal 1,5 – 2 km verderop zag.  Even later zag hij de splashes weer. Toen zag ik ze ook. De een na de andere dolfijn sprong uit het water. Het waren er zeker vier. Maar welke soort was het? Wisnuitdolfijnen of tuimelaars. Zelfs andere soorten dolfijnen zijn hier zeker niet uitgesloten, maar de dieren waren wel vrij groot.  Na enkel minuten stopten de dolfijnen met het uit het water springen. Maar we zagen goed dat het om vier dieren ging. Langzaam kwamen we met de Hollandica dichterbij. Soms waren ze even onder, dan weer kort met hun rugvinnen boven water.  Eenmaal langszij de camera in de aanslag maar nu bleven de dieren onder water. Ik ging naar buiten omdat ik toch wel heel graag wilde weten om welke soort het ging. En plots daar waren ze weer. Een dier kwam met zijn flanken boven het oppervlak uit en toonde de brede witte band op zijn zijde, een witsnuitdolfijn overduidelijk! Aan een ander dier zag ik dat het een stuk kleiner was en een juveniel dus waarschijnlijk.

Dat was echt te gek. Prachtig, al was het in de verte en slechts met verrekijker goed te zien, het wat toch genieten!  Zo vaak zien we geen dolfijnen. Vervolgens kwamen er nog een stuk of zes bruinvissen, als eenling of in paar voorbij.

Karaoke night at the Captain

Daarna ging het snel achteruit met het daglicht en om een uur of zeven moesten we met het spotten stoppen. het was een mooie en goede dag.

We overnachten in de Captain Fryatt, waar die avond een karaoke avond werd georganiseerd. Laat ik daar maar niet al te veel over schrijven 🙂

De volgende ochtend konden niet echt makkelijk het hotel uit. Alles zat op slot, dus dan maar over de schutting!

De Stena Britannica in het ochtendgloren.

Enfin, de Britannica lag mooi op ons te wachten in de haven van Harwich.

Ook aan boord van de Britannica ontmoeten we een voor ons nieuwe kapitein. Die liet als snel zijn foto’s zien van de dolfijnen en bultruggen die hij had gemaakt bij Cape Cod aan de oostkust van de VS.

Overal jan-van-genten op het water en in de lucht, vliegend of duikend.

De verwachtingen waren na de vorige dag best hoog, maar toch duurde het enkele uren voren we de eerste bruinvis zagen. En vervolgens nog een paar. Maar het aantal bleef ver achter bij de verwachtingen. En zeker gezien de honderden, zo niet duizenden jan-van genten die in groepen op het water zaten of op vis doken van enkele tientallen meters hoogte. Altijd spectaculair. Daar moesten toch bruinvissen tussen zitten? En ja eindelijk daar waren ze. En meteen met zeven tegelijk! Het waren ook meteen de laatste van die dag.

Wat deze tweede dag ook opmerkelijk was de grote hoeveelheid roodkeelduikers (al in zomerkleed!) en waarschijnlijk parelduikers (of ook roodkeelduikers maar dan in winterkleed, dit verschil kan ik niet zien van grote afstand).

Al met al een paar bijzonder dagen!

Frank Zanderink

 

13-14 januari  Waar zijn ze gebleven?

Het is stiekem toch een tijdje geleden sinds ik mij op het water heb begeven. Het vormen van een gezin zorgt voor een hoop nieuwe energie en doelen in het leven, maar het oude leven krijgt zeker een optater. Al helemaal als er naast de nodige hobby’s ook nog een studie en een baan zijn, die naast het gezin aandacht nodig hebben. De wintermaanden op zee zijn altijd een uitdaging. Al helemaal wanneer er niet al te veel opties zijn om de survey te laten doorgaan. De weersvoorspellingen gaven prima vooruitzichten om op het eerste mogelijke weekeind in januari de stena-survey binnen te koppen. Gaan dus!

Zaterdag 13 januari

Zacht licht zorgt voor een fijne sfeer (E. Schrijver)

Na twee dagen van perfect windstil weer is er vandaag een klein briesje te bespeuren in de vlaggenmasten die ik passeer op weg naar de hal van de Stena-line in Hoek van Holland Haven. Hier ontmoet ik Cora Verdijk. Cora is een oud lid van het bruinvis foto-identificatie team van 2016. Leuk om een bekend gezicht te zien. Veel uitleg is er dus ook niet nodig vandaag. Wél is het voor Cora een indrukwekkende gebeurtenis op de brug van de Stena Hollandica. Ik vergeet het nog wel eens, maar het is een bijzonder groot schip. Op 30 meter hoogte razen we zometeen met 35 kilometer per uur over het water. Nu lijkt het alsof we stil staan in Madurodam. Alles lijkt met een factor tien te krimpen op deze hoogte. Wanneer de toeter klinkt om de Nieuwe waterweg op de hoogte te stellen van ons vertrek, zorgt het licht voor een goede sfeer op het water.

Het laatste zeezoogdier van vandaag. (E. Schrijver)

We zullen vandaag helaas lang niet de overkant halen in daglicht. We hebben nu hooguit nog twee en een half uur om te zoeken, voordat de zon voor ons in het water zakt. Volg goede moed starten we met een licht briesje in de rug van windkracht drie. Meestal is het eerste uur vanuit de 2e Maasvlakte één van de betere, met normaliter een hoop bruinvissen. Nu blijft het angstvallig stil. Een paar gewone zeehonden laten zich wél zien. Ook zijn er zo nu en dan wat zeekoeten en alken te zien op het water. Dit is voor mij altijd een indicator dat het in ieder geval niet aan mij ligt dat ik niets zie. Een wankelend zelfvertrouwen zorgt vaak voor verminderde concentratie en een afname aan motivatie. Ik meen vanuit mijn ooghoek twee keer een bruinvis te zien verdwijnen met een minuutje ertussen. Hoewel ik het bijna zeker durf te zeggen dat het er één was, heb ik niet de zekerheid en glipt er waarschijnlijk toch één tussen onze vingers door.

Het begint nu te schemeren en de kansen om nog wat te zien slinken snel. Dan is daar in de verte commotie in het water. Twee drieteenmeeuwen wijzen mij op het laatste zeezoogdier van vandaag. Een gladde rug zonder vin en een grove kop vertellen mij dat het hier gaat om een grijze zeehond.

Pas één keer eerder bereikte ik Harwich met een blanco waarnemingsformulier. Graag hadden we licht gehad gedurende de gehele overtocht. In ieder geval durven wij te concluderen dat er gewoonweg weinig bruinvissen te zien waren vandaag.

Zondag 14 januari

Met open muil. (E. Schrijver)

Een nieuwe dag met nieuwe kansen. Na bijna drie jaar van afwezigheid is de gangway ofwel loopplank in Harwich hersteld en begaanbaar voor het publiek. Voor ons passeert de open muil va de Britannica die vol stroomt met vrachtverkeer.

Vol vertrouwen bezetten we de brug van de Britannica. Helaas houdt het weer zich niet aan de afspraak en is de wind vandaag een matige windkracht 4 tot 5. Net buiten Harwich passeert een roodkeelduiker. Een normale verschijning in de kuststroken van onze Noordzee in de winter.

Vluchtende roodkeelduiker

De familie der duikers lijken een beetje op XXL-futen. Een slangachtig uiterlijk in de vlucht, poten ver naar achter en vaak ver voor de boot opvliegend. Vanwege dit gedrag vaak ongezien zonder verrekijker. Duikers broeden rond en in de poolcirkel op zoet water, maar zoeken het zoute water van de kuststreek op om te overwinteren. Het zijn er wel erg veel. Ik tel er in het eerste uur na uitvaren ongeveer 250 tot 300. Gisteren passeerde er in totaal een tiental aan de Nederlandse kant. Dan is dit wel van een andere orde.

Dan is daar ineens dat bekende ronde silhouet, wat rollend weer onder het wateroppervlak verdwijnt. Het is de eerste bruinvis. Overduidelijk zichtbaar en niet moeilijk te vinden. Ook Cora krijgt het dier in de smiezen en weet nu precies wat we moeten vinden. Het is ook wel een mentale boost. Als er gisteren wat bruinvissen in ons gebied zaten, dan hadden we er echt wel en paar kunnen tellen. In ieder geval piekt de motivatie weer. Binnen een kwartier is het weer raak met een tweetal dieren die op redelijke afstand de boot passeren. Gaat het dan nu eindelijk beginnen? Vol energie staan we te turen, maar het blijft wederom stil. Er is ook weinig vogelleven meer te bespeuren.

Wegspuitende witsnuitdolfijnen. (E. Schrijver)

Drie uur gaan voorbij en ik begin met mijn gedachten te dwalen. Het is tijd voor een kopje koffie. Ik loop naar Cora om haar te vragen of zij ook wat wil. Op dat moment springt ze op uit de stoel. “DOLFIJN!”. Het zal toch niet waar zijn? Ik hoor het woord “porpoise” vallen bij de bemanning. De grote witte stukken schuim in het water waar de dieren verdwenen vertellen een ander verhaal. Dan schieten er drie grote vinnen op zwart-witte ruggen door het water. Met een rotgang ontwijken de witsnuitdolfijnen het schip. Ze laten zich op een meter of 150 goed zien. Wanneer ze de boot hebben ontweken kalmeren de dieren en laten ze zich nog een aantal keer zien. In de commotie moeten we even concentreren, maar constateren we dat het om drie dieren gaat.

Dit is precies wat we nodig hadden. Het is taai vandaag. Gelukkig is het harde speurwerk nu beloond met een niet alledaagse waarneming van witsnuitdolfijnen op de Noordzee! Na deze opwinding blijft het ook nu stil. Pas een uur later kan ik nog één bruinvis op het formulier vereeuwigen. Alle hoop rust nu op het gebied voor de 2e Maasvlakte. Hopelijk was gisteren een uitzondering. Het water vlakt bijna volledig af. De ongewoon grote hoeveelheden regenwater dat wordt geloosd zorgt voor een hoop bewegend water waar de wind geen vat op krijgt. Weer zien we niets. Geen bruinvissen of zeehonden. Zelfs nauwelijks vogels. Zou de overvloed aan zoet water hier iets mee te maken hebben? Het blijft natuurlijk speculeren. Feit is dat we de eerste trip van 2018 afsluiten met slechts vier bruinvissen en drie zeer welkome witsnuitdolfijnen. Hopelijk laten de bruinvissen wat meer van zich zien de komende maanden.

Ernst Schrijver

Naar boven