Grijze zeehond valt bruinvis aan (Foto: Thibaut Bouveroux)

Vandaag, donderdag 11 januari, verschijnt in het wetenschappelijk tijdschrift Lutra het artikel “Grey seal attacks on harbour porpoises in the Eastern Scheldt: cases of survival and mortality”, dat over de grijze zeehond aanvallen op bruinvissen in de Oosterschelde gaat. het is geschreven door Annemieke Podt (Stichting Rugvin) en Lonneke IJsseldijk (Veterinaire faculteit Utrecht).  

Het is al langer duidelijk dat grijze zeehonden (Halichoerus grypus) soms jagen op bruinvissen. Het is zelfs zo, blijkt uit een studie, dat de grootste doodsoorzaak onder bruinvissen in Nederland bestaat uit die aanvallen. Naast de dodelijke aanvallen zijn er ook gevallen bekend van bruinvissen die een aanval overleven. Dit gebeurt ook in de Oosterschelde, waar deze twee zeezoogdieren ook voorkomen, dat een geschikte locatie is om deze interactie verder te onderzoeken.

Bruinvis gefotografeerd in 2016 met littekens van door grijze zeehond aangebrachte wonden. (Foto’s Annemieke Podt)

Foto’s van bruinvissen worden door Stichting Rugvin al jaren verzameld binnen het Foto Identificatie (ID) programma. In de database van het programma werden bij vier individuele in de Oosterschelde zwemmende en levende bruinvissen littekens aangetroffen (zei foto’s), die sterk overeenkomen met de door de veterinaire faculteit beschreven wonden, welke door grijze zeehonden worden toegebracht. En deze wonden waren volledig genezen.

Bruinvis in Oosterschelde met littekens door grijze zeehond (Foto: Annemieke Podt)

 

Het is aangetoond dat minimaal 10 bruinvissen zijn gestrand in de Oosterschelde door aanvallen van grijze zeehonden in de laatste decennia. Deze predatiedreiging voor de bruinvis in combinatie met de schaarse voedingsbronnen in de Oosterschelde impliceert een aanzienlijk druk op het overleven van de bruinvis. Gedragsaanpassingen zijn daarom bij de bruinvis de komende jaren te verwachten.

Binnenkort wordt het artikel ook geplaatst in Nature Today. Lees hier het Gezamenlijk persbericht van de faculteit Diergeneeskunde en Stichting Rugvin.