Bruinvis in Oosterschelde.

n het onlangs verschenen Living Planet Report 2017 van o.m.  het Wereld natuur Fonds wordt gesteld dat het slecht gaat met het leven in de Noordzee. De populaties van 140 soorten zeedieren in de Noordzee zijn tussen 1990 en 2015 met gemiddeld 30 procent afgenomen. Dit komt vooral door een sterke achteruitgang van dieren die in of op de zeebodem leven, zoals schelpdieren, kreeftachtigen en zee-egels. De populaties zeevissen en zeevogels veranderden in deze periode niet of nauwelijks, terwijl bruinvissen in aantal toenemen.

Visserij en klimaatverandering zijn de belangrijkste oorzaken van veranderingen in de zoute natuur van Nederland. De ‘boomkorvisserij’, een visserijmethode waarbij sleepnetten over de zeebodem worden getrokken, is één van de belangrijkste oorzaken voor de afname van bodemdieren in de Noordzee. De bodemfauna vertoont de laatste jaren nog geen herstel, ook al zijn de sleepnetten inmiddels op hun retour en vervangen door voor de bodem minder schadelijke technieken.

Zeepaddestoel in Oosterschelde

In de Westerschelde zijn populaties van bodemdieren de afgelopen jaren juist toegenomen, met meer dan 50 procent sinds 1992 (gebaseerd op 35 diersoorten). Dit is onder andere het gevolg van verbetering van de waterkwaliteit. Ook in de Waddenzee is sprake van herstel van de bodemfauna. Het stoppen van de mechanische kokkelvisserij sinds 2005 speelt hierbij een rol.

De toename van de bruinvis in het Nederlandse deel van de Noordzee is vooral toe te schrijven aan een internationale verschuiving van de populatie door veranderingen in ecosystemen elders.

Terwijl de fauna achteruit gaat in de Noordzee, is in de Waddenzee in dezelfde periode geen sprake van achteruitgang. En in de Westerschelde en de Oosterschelde laat het dierenleven zelfs een lichte vooruitgang zien.

Aldus het rapport.